ECLI:NL:RBARN:2006:AY3829
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verdeling gebruik gehuurde tussen contractuele medehuurders bij strijdig gebruik en bestemmingsplan
Eiser en gedaagde zijn contractuele medehuurders van een pand met een directiewoning en een bedrijfsopstal. Na een gemeentelijk besluit dat het gebruik van de bedrijfsopstal als woonruimte strijdig is met het bestemmingsplan, ontstond een geschil over het gebruik en de huurverdeling.
De kantonrechter oordeelt dat de conflictenregeling voor wettelijke medehuurders (art. 7:267 lid 7 BW Pro) niet zonder meer analoog toepasbaar is op contractuele medehuurders. De huurovereenkomst betreft een gemengde bestemming, waarbij bedrijfsruimte overheerst. Daarom gelden de woonruimtebepalingen niet.
De kantonrechter stelt vast dat partijen het gehuurde niet definitief verdeeld hebben, en dat eiser het recht behoudt de woning exclusief te gebruiken, terwijl gedaagde de bedrijfsopstal en het perceel voor zijn activiteiten mag gebruiken. De huurverdeling wordt aangepast naar tweederde voor eiser en een derde voor gedaagde. De ingangsdatum is gekoppeld aan het onherroepelijk worden van het gemeentelijk besluit, maar niet eerder dan 1 oktober 2006.
Beide partijen dragen hun eigen proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en wijst verdere vorderingen af.
Uitkomst: De kantonrechter bepaalt exclusief gebruik van woning door eiser en bedrijfsopstal door gedaagde met aangepaste huurverdeling en eigen proceskosten.