ECLI:NL:RBARN:2006:AY3635
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering vergunning voor gaasconstructie vanwege onderhoudsbelang watergang
De zaak betreft een bezwaar van een buurman tegen een vergunning verleend door het waterschap voor het maken, hebben en onderhouden van een beschoeiing en een loopplank met gaasconstructie voor het houden van koikarpers in een scheisloot. De buurman maakte het bezwaar buiten de gebruikelijke termijn, maar de rechtbank oordeelde dat het bezwaar toch ontvankelijk was omdat het waterschap onjuiste informatie had verstrekt over de mogelijkheid van bezwaar.
De kern van het geschil is dat de gaasconstructie het onderhoud van de watergang belemmert omdat eiser en buurman voor het onderhoud afhankelijk zijn van elkaars medewerking, terwijl geen overeenstemming hierover bestaat. Het waterschap trok de vergunning voor de loopplank met gaasconstructie in en verleende alleen ontheffing voor de beschoeiing.
De rechtbank oordeelde dat het waterschap het belang van het onderhoud van de watergang in redelijkheid zwaarder mocht laten wegen dan het belang van eiser bij het behouden van de constructie. De voorschriften verbonden aan de vergunning garandeerden niet dat het onderhoud niet belemmerd zou worden. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het waterschap mag de vergunning voor de gaasconstructie weigeren vanwege belemmering van het onderhoud van de watergang.