ECLI:NL:RBARN:2006:AV4485
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid en gegrondheid van bezwaarschriften tegen subsidiebesluiten gemeente Lingewaard en Openbaar Lichaam Bergerden
Het geschil betreft bezwaarschriften tegen subsidiebesluiten van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, toegekend aan het college van burgemeester en wethouders van Lingewaard en het Openbaar Lichaam Bergerden (OLB).
Het college diende haar bezwaar te laat in, waardoor het beroep ongegrond werd verklaard. Het OLB maakte bezwaar tegen de hoogte van de subsidie, gerelateerd aan de oppervlakte van het glastuinbouwproject. De rechtbank oordeelde dat het bezwaar van het OLB ontvankelijk was omdat het tijdig per Falkcourier was verzonden, wat als postverzending wordt aangemerkt volgens artikel 6:9 Awb Pro.
De rechtbank verwierp het standpunt van de minister dat het bezwaar van het OLB onvoldoende gemotiveerd was en stelde vast dat het OLB voldoende concrete gronden had aangegeven. De rechtbank vernietigde het besluit dat het bezwaar van het OLB niet-ontvankelijk verklaarde en veroordeelde de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan het OLB.
Het beroep van het college werd ongegrond verklaard omdat het bezwaar na de termijn was ingediend zonder verschoonbare reden. De rechtbank verwees naar vaste jurisprudentie dat het ontbreken van de naam van een bezwaarmaker niet kan worden hersteld na termijnoverschrijding.
De uitspraak bevestigt het belang van tijdige en juiste indiening van bezwaarschriften en bevestigt dat verzending per Falkcourier gelijkgesteld wordt aan postverzending voor de termijdbepaling.
Uitkomst: Het beroep van het college wordt ongegrond verklaard en het beroep van het OLB gegrond verklaard met vernietiging van het bestreden besluit en vergoeding van proceskosten.