ECLI:NL:RBARN:2006:AV0818
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.P.M. Kester
- Rechtspraak.nl
Arbeidsrechtelijke geschil over eenzijdige wijziging van provisie- en terugboekingsregeling door werkgever
De verzekeringsadviseur was het niet eens met de eenzijdige wijziging van de beloningsregeling door RVS, met name de provisie- en terugboekingsregeling. RVS voerde aan dat zij op grond van artikel 7:613 BW Pro een zwaarwichtig belang had om de regeling te wijzigen, omdat na een fusie twee verschillende regelingen golden en harmonisatie noodzakelijk was.
De kantonrechter stelde vast dat de nieuwe regeling tijdig en voldoende aan de verzekeringsadviseurs was bekendgemaakt en uitgelegd, onder meer via personeelsbladen en voorlichtingsbijeenkomsten. De ondernemingsraad had bovendien ingestemd met de wijziging. De verzekeringsadviseur had de regeling feitelijk al zeven jaar aanvaard en geen bezwaar gemaakt, waardoor sprake was van rechtsverwerking.
Het verweer dat RVS geen zwaarwichtig belang had en dat de wijziging niet tijdig was toegelicht, werd verworpen. De kantonrechter concludeerde dat de nieuwe beloningsregeling deel uitmaakt van de arbeidsovereenkomst en dat de verzekeringsadviseur gehouden is aan de regeling. De vordering van RVS tot betaling van het cautiesaldo werd toegewezen, en de verzekeringsadviseur werd veroordeeld tot betaling van de vordering, rente en proceskosten.
Uitkomst: De verzekeringsadviseur is veroordeeld tot betaling van het cautiesaldo conform de gewijzigde beloningsregeling.