ECLI:NL:RBARN:2005:AT8588
Rechtbank Arnhem
- Voorlopige voorziening
- H.A.W. Snijders
- Rechtspraak.nl
Schorsing bouwvergunning wegens onvoldoende motivering vrijstelling bestemmingsplan
De rechtbank Arnhem behandelde een verzoek tot voorlopige voorziening tegen een besluit van de gemeente Ede waarbij vrijstelling en bouwvergunning werden verleend voor het veranderen van een woning en het bouwen van een garage/berging op een perceel in Ede. Het bouwplan was in strijd met het bestemmingsplan vanwege overschrijding van de maximale goothoogte en oppervlakte van bijgebouwen, en het realiseren van woonruimte binnen de minimale afstand tot de perceelsgrens.
Verweerder had op grond van artikel 19 lid 3 WRO Pro vrijstelling verleend, maar de voorzieningenrechter oordeelde dat vanwege de aanzienlijke inbreuk op het planologische regime hoge eisen aan de motivering gesteld moeten worden. De motivering van de vrijstelling voldeed niet aan deze eisen, met name omdat de stedenbouwkundige onderbouwing onvoldoende objectief en kwantitatief was en de belangen van omwonenden onvoldoende werden meegewogen.
De rechtbank concludeerde dat het besluit niet berust op een voldoende deugdelijke motivering en schorst de bouwvergunning tot zes weken na beslissing op de ingediende bezwaren. Tevens werd de gemeente Ede verplicht het betaalde griffierecht aan verzoekers te vergoeden. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De bouwvergunning wordt geschorst wegens onvoldoende motivering van de vrijstelling van het bestemmingsplan.