ECLI:NL:RBARN:2005:AS6091
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.A. Holland
- C.G. Soeteman-Oostveen
- C.M. Vinck
- Rechtspraak.nl
Veroordeling minderjarige voor meervoudige medeplegen van verkrachting en feitelijke aanranding
De rechtbank Arnhem heeft op 25 januari 2005 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een minderjarige verdachte geboren in 1989 te Nijmegen. De verdachte werd beschuldigd van zes seksueel getinte delicten, waaronder meermalen medeplegen van verkrachting en feitelijke aanranding van de eerbaarheid, gepleegd in de periode van november 2003 tot mei 2004 in Nijmegen en Gennep.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte samen met anderen meerdere meisjes, waaronder A.T. en M.V., heeft gedwongen tot seksuele handelingen door middel van geweld, bedreiging en psychisch overwicht. De verdachte werd vrijgesproken van enkele feiten wegens onvoldoende bewijs. Het bewijs bestond onder meer uit verklaringen van slachtoffers, medeverdachten en getuigen, alsmede politieverklaringen.
De rechtbank legde een straf op bestaande uit 136 dagen jeugddetentie waarvan 90 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, een taakstraf van 160 uren (100 uren werkstraf en 60 uren leerstraf in de vorm van een Individuele Gedragstherapie Arnhem), en een bijzondere voorwaarde van begeleiding door de jeugdreclassering. Daarnaast werd de verdachte veroordeeld tot het betalen van schadevergoedingen aan de slachtoffers, waaronder een voorschot van €1000 aan A.T. en €100 aan M.V., met vervangende jeugddetentie bij niet-betaling.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 136 dagen jeugddetentie (waarvan 90 voorwaardelijk), 160 uren taakstraf en schadevergoedingen aan slachtoffers.