ECLI:NL:RBARN:2004:AR8850
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Procedure over proceskosten en buitengerechtelijke incassokosten tussen huisartsenmaatschap en zorgverzekeraar
De maatschap Huisartsenpraktijk Wapenveld vordert betaling van een bedrag van VGZ en daarnaast vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten. De rechtbank verwijst naar een eerder tussenvonnis waarin is vastgesteld dat VGZ nog een bedrag van €26.636,94 aan Wapenveld dient te betalen, hoewel VGZ stelt dit bedrag reeds te hebben voldaan. De rechtbank vraagt Wapenveld om hierover opheldering.
In het geschil over de kosten stelt Wapenveld dat VGZ gehouden is tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten, terwijl VGZ betoogt dat Wapenveld zelf in de kosten moet worden veroordeeld of dat kosten gecompenseerd dienen te worden. De rechtbank overweegt dat Wapenveld in de hoofdzaak grotendeels in het ongelijk is gesteld, omdat de gevorderde vergoeding aanzienlijk werd teruggebracht en slechts een deel werd toegewezen.
Verder oordeelt de rechtbank dat er geen aanleiding is om buitengerechtelijke incassokosten toe te wijzen aan Wapenveld, mede omdat VGZ bereid was tot een minnelijke regeling, terwijl Wapenveld een strenge opstelling innam en geen serieuze pogingen deed tot buitengerechtelijke voldoening. De procedure wordt aangehouden voor nadere informatie over de betaling van het toegekende bedrag.
Uitkomst: De rechtbank wijst geen buitengerechtelijke incassokosten toe en veroordeelt Wapenveld in de proceskosten.