ECLI:NL:RBARN:2004:AR6645
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatigheid van conservatoir beslag op onroerende zaken in consumentenkoop geschil
In deze kortgedingprocedure vordert eiser opheffing van conservatoir beslag dat gedaagde heeft gelegd op onroerende zaken van eiser, ter zekerheid van een schadevergoeding wegens vermeende niet-levering van drie sieraden. Gedaagde stelt dat eiser of diens BV niet heeft geleverd wat was overeengekomen, en legde daarom beslag.
De rechtbank stelt vast dat het beslag niet onrechtmatig is. Hoewel eiser aanvoert dat het beslag onnodig is omdat het bedrijfspand voldoende zekerheid biedt, oordeelt de rechtbank dat het beslag op de flatwoning niet overbodig is gezien de waarde van het pand en de omvang van de vordering. Tevens is voorshands niet gebleken dat de vordering ondeugdelijk is, mede gelet op de vriendschappelijke relatie tussen partijen en de onduidelijkheid of de overeenkomst met de BV of in privé is gesloten.
De rechtbank wijst de vorderingen van eiser af en veroordeelt eiser en diens BV hoofdelijk in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door mr. J.D.A. den Tonkelaar en uitgesproken op 20 oktober 2004.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen tot opheffing van het conservatoir beslag af en veroordeelt eisers in de proceskosten.