ECLI:NL:RBARN:2004:AR3396
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling geldlening en bodemverontreiniging bij koop onroerende zaak
In deze civiele zaak stond een geschil centraal tussen koper en verkoper van een onroerende zaak met bodemverontreiniging. De koper had een geldleningsovereenkomst met verkoper, waarvan een laatste termijn niet volledig was betaald. Verkoper vorderde betaling van deze termijn, terwijl koper zich beriep op opschorting en verrekening wegens vermeende toerekenbare tekortkoming en onrechtmatige daad vanwege de bodemverontreiniging.
De rechtbank oordeelde dat opschorting niet gerechtvaardigd was omdat onvoldoende samenhang bestond tussen de geldlening en de schadevordering. Ook het beroep op verrekening werd afgewezen vanwege een contractuele bepaling die verrekening uitsloot en het ontbreken van een vaststaande vordering in reconventie.
In reconventie stelde koper dat verkoper tekort was geschoten door het niet informeren over bodemverontreiniging, waardoor de zaak niet aan de conformiteitseis voldeed. Verkoper stelde dat hij koper had geïnformeerd over eerdere bodemonderzoeken en dat koper bekend was met nader onderzoek. De rechtbank liet partijen toe bewijs te leveren over de mededelingen van verkoper aan koper. De procedure werd aangehouden voor getuigenverhoren en verdere bewijslevering.
De rechtbank veroordeelde koper tot betaling van het openstaande bedrag van de geldlening met rente en wees het meer of anders gevorderde af. Tevens wees zij de buitengerechtelijke kosten af wegens onvoldoende bewijs. Het hoger beroep in reconventie is alleen mogelijk samen met dat van het eindvonnis.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt koper tot betaling van de openstaande geldleningstermijn met rente en wijst opschorting en verrekening af.