ECLI:NL:RBARN:2004:AR0763
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Barrau
- E. Klein Egelink
- M.M.H.J. Vroemen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering bijstand wegens niet opgegeven auto als vermogensbestanddeel
Eiseres kreeg bijstand toegekend, maar verweerder trok deze in per 24 juni 2003 en vorderde €5.312,69 terug omdat eiseres een auto met een waarde van €20.000,- niet had opgegeven. Hoewel eiseres stelde dat de auto eigendom was van haar dochter en slechts tijdelijk op haar naam stond, oordeelde de rechtbank dat de auto geacht wordt tot haar vermogen te behoren omdat het kenteken op haar naam stond en het bewijs van eigendom door eiseres onvoldoende was.
De rechtbank overwoog dat de Algemene bijstandswet (Abw) van toepassing is op de periode vóór 1 januari 2004, ondanks de inwerkingtreding van de Wet werk en bijstand (WWB). De rechtbank volgde de jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep dat aanspraken beoordeeld moeten worden aan de hand van de toen geldende wetgeving.
Eiseres had haar inlichtingenplicht geschonden door de auto niet op te geven, terwijl zij redelijkerwijs had kunnen weten dat dit noodzakelijk was. De waarde van de auto overschreed de vermogensgrens, waardoor het recht op bijstand terecht werd ingetrokken en de bijstand teruggevorderd. Er waren geen dringende redenen om van terugvordering af te zien. Het beroep van eiseres werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van €5.312,69 bijstand bevestigd.