ECLI:NL:RBARN:2004:AQ6922
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.J.A.M. van Geest
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tijdelijke vrijstelling en bouwvergunning voor 24-uurs opvang harddrugsverslaafden in Arnhem
Bij besluit van 3 oktober 2003 verleende het college van burgemeester en wethouders van Arnhem een tijdelijke vrijstelling van het bestemmingsplan en een bouwvergunning voor een drijvende accommodatie voor de 24-uurs opvang van harddrugsverslaafden aan een locatie in Arnhem. Deze vrijstelling en vergunning waren verbonden aan een maximale instandhoudingstermijn van vijf jaar, ingaande op 31 januari 2004.
Eisers betwistten de rechtmatigheid van dit besluit, stellende dat onvoldoende concrete, objectieve gegevens bestonden om de tijdelijke aard van de vrijstelling aannemelijk te maken en dat het besluit niet redelijk zou zijn genomen. De rechtbank overwoog dat de tijdelijke vergunning van de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat, de concrete plannen voor woningbouw in de nabijheid en de opgestarte procedure voor een definitieve locatie voldoende aanwijzingen boden voor het tijdelijke karakter van de situatie.
Daarnaast erkende de rechtbank het grote maatschappelijke belang van de opvangvoorziening en achtte zij de locatiekeuze, gelet op de geringe woonbebouwing en beheersbaarheid, niet onbegrijpelijk. De belangenafweging door het college werd als redelijk beoordeeld. De rechtbank concludeerde dat het college bevoegd was de vrijstelling te verlenen en de bouwvergunning te verstrekken en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de tijdelijke vrijstelling en bouwvergunning voor de 24-uurs opvang wordt ongegrond verklaard.