ECLI:NL:RBARN:2004:AQ5401
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.G.J. van Well
- N.W. Huijgen
- M. Keppels
- Rechtspraak.nl
Gevangenisstraf en TBS met dwangverpleging voor wederrechtelijke vrijheidsberoving, zware mishandeling en verkrachting
Verdachte heeft zich in de periode van 6 tot en met 10 oktober 2003 schuldig gemaakt aan wederrechtelijke vrijheidsberoving, zware mishandeling en verkrachting van een persoon in Nijmegen. Hij sloot het slachtoffer op in een woning, bond haar vast, mishandelde haar ernstig waaronder het kerven van letters in het voorhoofd, en dwong haar tot seksuele handelingen onder geweld en bedreiging.
De rechtbank oordeelde dat het letsel aan het slachtoffer, met uitzondering van de tatoeage in het voorhoofd, niet als zwaar lichamelijk letsel kon worden aangemerkt. Desondanks werd het letsel meegewogen bij de strafbepaling vanwege de nauwe samenhang met de andere feiten. Verdachte leed aan een ernstige antisociale persoonlijkheidsstoornis met narcistische en paranoïde kenmerken, wat zijn toerekeningsvatbaarheid verminderde.
Na uitgebreid deskundigenonderzoek en adviezen, waaronder van de Forensisch Psychiatrische Dienst en Reclassering Nederland, werd geconcludeerd dat een behandeling met TBS met voorwaarden niet haalbaar was. De rechtbank legde daarom een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van drie jaar op en gelastte TBS met dwangverpleging vanwege de ernst van de feiten en het hoge recidiverisico.
De vordering tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf werd afgewezen omdat deze geen toegevoegde waarde had. De uitspraak werd gedaan na meerdere zittingen en uitgebreide beraadslagingen, waarbij verdachte werd bijgestaan door een raadsman.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf en TBS met dwangverpleging wegens wederrechtelijke vrijheidsberoving, zware mishandeling en verkrachting.