ECLI:NL:RBARN:2004:AP3670
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot terugbetaling geldlening tussen ex-echtgenoten na ontbinding gemeenschap van goederen
Eiser heeft in 1993 een bedrag van 30.000 gulden geleend aan gedaagden die destijds in gemeenschap van goederen waren getrouwd. Er is geen afspraak gemaakt over hoofdelijkheid van aansprakelijkheid voor terugbetaling. Na ontbinding van de huwelijksgemeenschap zijn beide ex-echtelieden ieder voor de helft aansprakelijk volgens artikel 6:6 BW Pro en artikel 1:102 BW Pro.
Gedaagde sub 2 heeft geen verweer gevoerd, waardoor haar aansprakelijkheid voor de helft van het bedrag wordt toegewezen. Gedaagde sub 1 betwist dat sprake is van een lening en voert aan dat het geld geschonken zou zijn. De bewijslast rust op eiser om te bewijzen dat het een lening betreft.
De rechtbank staat toe dat eiser bewijs levert, onder meer door getuigenverhoor, en houdt de beslissing aan. De wettelijke rente is toewijsbaar vanaf 24 januari 2003, de datum waarop voor het eerst een termijn voor terugbetaling is gesteld. De buitengerechtelijke kosten worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs.
Uitkomst: De rechtbank staat bewijslevering toe en houdt de zaak aan voor verdere beslissing over de terugbetaling van de lening.