ECLI:NL:RBARN:2004:AP3363
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding na seksueel misbruik door pleegvader
X vordert schadevergoeding van Y wegens seksueel misbruik in de periode 1984-1991. Y is strafrechtelijk veroordeeld, maar ontkent civielrechtelijk aansprakelijkheid en beroept zich op verjaring.
De rechtbank oordeelt dat de verjaringstermijn van vijf jaar begon te lopen op het moment van aangifte in 1994, en niet pas bij de strafrechtelijke veroordeling. X slaagt er niet in te bewijzen dat zij door haar psychisch letsel eerder niet in staat was haar vordering in te stellen. Hierdoor slaagt het beroep op verjaring van Y in beginsel.
De rechtbank wijst echter op de ernst van de problematiek en stelt X in de gelegenheid bewijs te leveren omtrent haar onvermogen om tijdig te vorderen. Een comparitie wordt gelast waarbij partijen afzonderlijk verschijnen. Hoger beroep is pas mogelijk na het eindvonnis.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af wegens verjaring en legt de bewijslast bij eiseres voor nader bewijs tijdens comparitie.