ECLI:NL:RBARN:2004:AP1734
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Aandelenlease Winstverdriedubbelaar: geen vernietiging wegens dwaling, wel wanprestatie bank
De zaak betreft een aandelenleaseconstructie genaamd Winstverdriedubbelaar tussen Dexia Bank Nederland N.V. en een particuliere klant, X. De overeenkomst hield in dat X via Dexia aandelen kocht met geleend geld, waarbij het rendement afhankelijk was van koersontwikkelingen. Na afloop van de looptijd bleek een restschuld te bestaan doordat de aandelenkoersen waren gedaald.
X stelde dat hij onjuist was voorgelicht en dat sprake was van dwaling, waardoor de overeenkomst vernietigbaar zou zijn. De rechtbank oordeelde dat de verstrekte informatie, waaronder rekenvoorbeelden en waarschuwingen over risico’s, voldoende was en dat van dwaling geen sprake was. X kon de overeenkomst dan ook niet vernietigen.
Wel stelde de rechtbank vast dat Dexia als effecteninstelling een zorgplicht had jegens X, die zij had geschonden door onvoldoende onderzoek te doen naar diens financiële draagkracht en beleggingsdoelstellingen. Hierdoor was sprake van wanprestatie. Dexia werd aansprakelijk gehouden voor de schade die X daardoor leed, hoewel X geen schadevergoeding had gevorderd.
De rechtbank veroordeelde X tot betaling van de restschuld en rente, maar wees de vordering van Dexia tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten af. De kosten van de procedure werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep op dwaling af, veroordeelt X tot betaling van de restschuld, maar verklaart Dexia aansprakelijk voor wanprestatie wegens schending van haar zorgplicht.