ECLI:NL:RBARN:2004:AP1363
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G. Noordraven
- Rechtspraak.nl
Eigendomsgeschil en vrijwaring stallingspaard Allah Djarama
X is eigenaar van het Arabisch volbloedpaard Allah Djarama sinds 2001 en heeft het paard in 2003 bij Y laten stallen, die slechts houder is voor Z. X vordert afgifte van het paard van Y, die zich beroept op zijn houderstatus en wijst erop dat de vordering tegen Z moet worden ingesteld. Y verzoekt de hoofdzaak en de vrijwaringszaak te voegen en hem uit de procedure te laten vallen.
Z stelt eigenaar te zijn geworden door aankoop van D, die zich als beschikkingsbevoegde voordeed, en overlegt een verklaring waarin sprake is van schenking. De rechtbank oordeelt dat Z moet bewijzen dat D eigenaar was ten tijde van levering of dat hij te goeder trouw en anders dan om niet het paard heeft verkregen. De stelling van Z over aankoop staat haaks op de verklaring van schenking.
De rechtbank constateert dat X het paard vrijwillig heeft achtergelaten, waardoor geen sprake is van onvrijwillig bezitverlies en toepassing van artikel 3:86 lid 3 BW Pro twijfelachtig is. De procedure wordt voortgezet tussen X en Z, waarbij Y partij blijft vanwege vrijwaring. De rechtbank wijst getuigenverhoren aan en stelt een planning vast voor bewijslevering en verdere procesvoering. Hoger beroep is alleen mogelijk samen met het eindvonnis.
Uitkomst: Z moet bewijzen dat hij rechtsgeldig eigenaar is van het paard; de procedure wordt voortgezet tussen X en Z met Y als partij vanwege vrijwaring.