ECLI:NL:RBARN:2004:AO8397
Rechtbank Arnhem
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- F.H. de Vries
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bouwvergunning wegens onjuiste beleidsregelinterpretatie en schending rechtszekerheid
In deze bestuursrechtelijke zaak betrof het een beroep tegen een bouwvergunning verleend door de gemeente Zaltbommel voor het vernieuwen en vergroten van een woning. Verzoeker maakte bezwaar tegen de vrijstelling van de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens en de bouwdiepte, en stelde dat het bouwplan ook in strijd was met welstandseisen.
De rechtbank oordeelde dat de gemeente terecht een vrijstelling verleende voor het bouwen tot op 1 meter van de erfgrens, mede gelet op bestaande bebouwing. De welstandscommissie had een positief advies gegeven, en verzoeker had geen tegenadvies overgelegd, waardoor de welstandstoetsing redelijk was.
Echter, de rechtbank stelde vast dat de gemeente de beleidsregels omtrent de maximale bouwhoogte onjuist had geïnterpreteerd. Volgens de beleidsregels is een hoogte van meer dan 6 meter alleen toegestaan bij gebouwen op meer dan 2,5 meter van de erfgrens. De gemeente had dit verkeerd toegepast, waardoor het besluit in strijd was met het rechtszekerheidsbeginsel.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en schorste het tot zes weken na hernieuwde beslissing op bezwaar. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen, maar de griffierechten en proceskosten werden aan verzoeker toegekend. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open, behalve voor het verzoek om voorlopige voorziening.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bouwvergunningsbesluit wordt vernietigd en geschorst, en proceskosten worden aan verzoeker toegekend.