ECLI:NL:RBARN:2004:AO4766
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verrekening tekortkoming en vordering betaling in bouwgeschil
In deze civiele procedure staat centraal of er sprake is van een tekortkoming van X die verrekening van het door hem gevorderde bedrag rechtvaardigt. De deskundige heeft slechts één duidelijke tekortkoming vastgesteld, namelijk dat de stenen dorpel niet op hetzelfde niveau als de kachel is aangebracht. De kosten hiervoor worden begroot op €180,-, wat redelijk wordt geacht.
De rechtbank concludeert dat andere gebreken of waardeverminderingen niet zijn aangetoond die verrekening rechtvaardigen. Daarnaast is een post van €90,- voor het zwartmaken van de schoorsteenpijp in mindering gebracht, omdat dit een kleinigheid betreft die bij goede onderlinge verhoudingen waarschijnlijk door X was opgelost.
De vordering van X wordt verminderd met reeds betaalde bedragen en de genoemde kosten, waarna een bedrag van €4.406,12 wordt toegewezen, vermeerderd met wettelijke rente. De reconventionele vordering van Y wordt afgewezen omdat geen tekortkoming is vastgesteld die ontbinding rechtvaardigt. Y wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Y wordt veroordeeld tot betaling van €4.406,12 plus wettelijke rente aan X; reconventionele vordering wordt afgewezen.