ECLI:NL:RBARN:2003:AF7670
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- B.P.J.A.M. van der Pol
- G. Noordraven
- W.A. Holland
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor overtreding vergunning grondwateronttrekking bij tunnelbouw in Zevenaar
In deze zaak stond verdachte terecht voor het onttrekken van meer dan 438.000 m3 grondwater ten behoeve van de bouw van een tunnel in de gemeente Zevenaar in de periode van november 2000 tot september 2001, terwijl daarvoor geen vergunning was verleend. De vergunning was verleend aan medeverdachte, maar verdachte handelde in strijd met de voorwaarden van deze vergunning.
De rechtbank oordeelde dat het Openbaar Ministerie ontvankelijk was en dat het bewezen was dat verdachte medepleegde in de overtreding van de vergunning. De verdediging voerde onder meer aan dat het OM niet ontvankelijk moest worden verklaard en dat een transactie had moeten worden aangeboden, maar deze verweren werden verworpen.
De rechtbank stelde vast dat de gewijzigde vergunning van september 2002 geen terugwerkende kracht had en dat de overtreding van de oorspronkelijke vergunning strafbaar bleef. Verdachte werd veroordeeld tot een geldboete van € 25.000,- waarvan € 20.000,- voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De straf weerspiegelt de ernst van het feit en het bewust niet naleven van de vergunningvoorwaarden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van € 25.000,- waarvan € 20.000,- voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar wegens overtreding van de vergunning voor grondwateronttrekking.