ECLI:NL:RBARN:2002:AF1524
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit wegens disproportionele hoogte en termijnoverschrijding bij asbestafvalverwerking
Eiseres, een bedrijf dat sloopwerkzaamheden verricht, kreeg een boete van €1.134,45 opgelegd wegens het niet tijdig en correct afvoeren van asbesthoudend afval. De boete werd opgelegd door de Directeur van het Centraal Kantoor van de Arbeidsinspectie namens de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Eiseres voerde aan dat de boete onrechtmatig was omdat de wettelijke termijn van acht weken voor oplegging was overschreden en dat het besluit in strijd was met het zorgvuldigheids- en vertrouwensbeginsel. Daarnaast stelde zij dat zij geen overtreding had begaan omdat het afval zo spoedig mogelijk was afgevoerd en de verpakking correct was, waarbij een eventuele opening mogelijk door derden was veroorzaakt.
De rechtbank oordeelde dat de termijn van acht weken geen fatale termijn is, maar een termijn van orde, en dat de bevoegdheid tot boeteoplegging pas na twee jaar vervalt. De rechtbank stelde vast dat eiseres onvoldoende had voorzien dat de werkzaamheden slechts één dag zouden duren, waardoor het transport vertraging opliep. De rechtbank vond dat de boete redelijk was opgelegd gezien de overtreding, maar dat de hoogte van de boete disproportioneel was in verhouding tot de ernst van de overtreding.
De rechtbank vernietigde het besluit en bepaalde dat een nieuwe beslissing moet worden genomen met inachtneming van de evenredigheid. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €644.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het boetebesluit en bepaalt dat een nieuw besluit moet worden genomen met inachtneming van de evenredigheid, en veroordeelt verweerder tot vergoeding van proceskosten.