ECLI:NL:RBARN:2002:AE9415
Rechtbank Arnhem
- Voorlopige voorziening
- W.F. Bijloo
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen intrekking jachtakte wegens onjuiste opslag wapens
Verzoeker, houder van een jachtakte, had zijn wapens niet in zijn eigen woning maar in de woning van zijn moeder opgeslagen. Na een inbraak waarbij de kast met wapens werd opengebroken, trok de korpschef de jachtakte in vanwege het niet naleven van de voorwaarden omtrent opslag en het niet melden van de feitelijke bewaarplaats.
Verzoeker betwistte dat de wapens onvoldoende waren opgeborgen en stelde dat hij feitelijk bij zijn moeder woonde, zodat de opslag aldaar zorgvuldig was. Ook voerde hij aan dat het niet tijdig aanbieden van een nieuw wapen voor controle niet aan hem te wijten was.
De voorzieningenrechter overwoog dat het belang van veiligheid zwaarwegend is en dat een jachtaktehouder strikte naleving van voorschriften moet betrachten. Hoewel de kast met geweld was opengebroken, was niet gebleken dat de opslag onvoldoende was. Wel was het feitelijk bewaren van wapens op een ander adres dan het opgegeven woonadres zonder formele melding een reden om de jachtakte in te trekken.
Daarom kon de intrekking van de jachtakte niet worden teruggedraaid en werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van de jachtakte wordt afgewezen.