ECLI:NL:RBARN:2002:AE0064
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Vonnis tot ontruiming van opvanglocatie van vreemdeling zonder verblijfsrecht
K is een vreemdeling wiens asielaanvraag is afgewezen en die op grond van de Vreemdelingenwet Nederland dient te verlaten. Ondanks een finale vertrektermijn van 28 dagen verblijft K nog in een opvangvoorziening van het COA. Het COA vordert in kort geding dat K deze opvanglocatie ontruimt, met machtiging tot inzet van de sterke arm.
De rechtbank stelt vast dat het afwijzende besluit formele rechtskracht heeft en dat het recht op opvang van rechtswege eindigt zodra de vreemdeling rechtmatig verwijderbaar is. Humanitaire omstandigheden kunnen alleen door de Staatssecretaris worden meegewogen, niet door de burgerlijke rechter. K heeft dit niet betwist.
De rechtbank oordeelt dat K zonder recht of titel verblijft en dat het spoedeisend belang van het COA bij ontruiming evident is vanwege de noodzaak opvang te bieden aan rechtmatige asielzoekers. De vordering tot ontruiming wordt daarom toegewezen en K wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: K wordt veroordeeld tot ontruiming van de opvanglocatie binnen drie dagen met machtiging tot inzet van de sterke arm.