ECLI:NL:RBARN:2001:AD7393
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens verminderd toerekeningsvatbaarheid bij poging tot moord met Tegretol
De rechtbank Arnhem behandelde op 5 december 2001 de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van poging tot moord door het langdurig toedienen van het medicijn Tegretol aan haar slachtoffer. De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte dit feit heeft gepleegd, waarbij sprake was van voorbedachte rade en aanvaarding van de aanmerkelijke kans op overlijden.
Verdachte werd echter geconfronteerd met een ernstige persoonlijkheidsstoornis, zoals vastgesteld in pro justitia rapportages van een psycholoog en een forensisch psychiater. Hierdoor was zij verminderd toerekeningsvatbaar en in verminderde mate in staat haar wil in vrijheid te bepalen ten tijde van het delict.
De rechtbank hield rekening met het lange tijdsverloop tussen de bekennende verklaringen en de behandeling van de zaak, evenals met de relatieve ouderdom van de feiten. Verdachte was reeds terbeschikking gesteld en een nieuwe maatregel werd niet noodzakelijk geacht.
Uiteindelijk verklaarde de rechtbank verdachte schuldig zonder oplegging van straf of maatregel, waarbij zij vrijsprak van andere tenlastegelegde feiten die onvoldoende bewezen waren. De strafzaak werd hiermee afgesloten zonder strafoplegging, maar met erkenning van de strafbaarheid en verminderd toerekeningsvatbaarheid.
Uitkomst: Verdachte werd schuldig verklaard zonder oplegging van straf of maatregel wegens verminderd toerekeningsvatbaarheid.