ECLI:NL:RBARN:1999:AA3882
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.A. Verkuyl
- G. Feddes
- A.B.A.P.M. Varenhorst-Ficq
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige uittreegelden coöperatie wegens strijd met Europees mededingingsrecht
Melkveehouders, voormalige leden van coöperatie Y, hebben hun lidmaatschap opgezegd en betwistten de verschuldigdheid van het uittreegeld dat door coöperatie Y/X in rekening werd gebracht. De rechtbank oordeelt dat de Y-regeling, die onder meer een uittreegeld van 4%, een opzegtermijn van zes maanden en een verplichte opzegdatum aan het einde van het boekjaar bevat, in strijd is met artikel 85 lid 1 EG Pro-verdrag en derhalve nietig is met terugwerkende kracht.
De procedure kende een voorgeschiedenis met prejudiciële vragen aan het Europese Hof en eerdere uitspraken van het Hof en de Hoge Raad die de nietigheid van de Y-regeling bevestigden. Coöperatie X voerde verweer onder meer met een beroep op de geldigheid van de X-regeling en verjaring, maar deze werden verworpen.
De rechtbank verwerpt ook de verzoeken tot partiële nietigheid en conversie van de regeling omdat de essentiële keuzemogelijkheid voor de melkveehouders niet kan worden hersteld. De vorderingen tot terugbetaling van de onverschuldigde uittreegelden worden toegewezen, vermeerderd met wettelijke rente vanaf het moment van verzuim en buitengerechtelijke kosten. Coöperatie X wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Coöperatie X wordt veroordeeld tot terugbetaling van onverschuldigde uittreegelden met wettelijke rente en proceskosten aan melkveehouders.