ECLI:NL:RBARN:1999:AA3789
Rechtbank Arnhem
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering huisvestingsvergunning woonwagenstandplaatsen en bestuursdwang
Eisers, woonwagenbewoners, vestigden zich in juni 1998 op een woonwagencentrum te Q en vroegen huisvestingsvergunningen aan voor twee standplaatsen. De gemeente weigerde deze vergunningen en sommeerde ontruiming, met bestuursdwang bij niet-naleving. Eisers stelden beroep in tegen dit besluit.
De rechtbank oordeelde dat de gemeente niet voldeed aan de zorgvuldigheidseisen en het motiveringsvereiste van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De gemeente baseerde haar weigering op vermeende overlast en de omvang van de familie, maar onderbouwde dit onvoldoende en verzuimde hoor en wederhoor toe te passen. Ook was de inschatting van het aantal personen in de woonwagen niet zorgvuldig gemotiveerd.
De rechtbank vernietigde het besluit en de bestuursdwang, en veroordeelde de gemeente tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen. De uitspraak benadrukt het belang van een deugdelijke belangenafweging en correcte procedure bij huisvestingsvergunningen en bestuursdwang.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van huisvestingsvergunning en bestuursdwang wordt vernietigd.