ECLI:NL:RBAMS:2026:950

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
20 januari 2026
Publicatiedatum
2 februari 2026
Zaaknummer
13-654135-16
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:6:12 lid 1 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging terbeschikkingstelling met voorwaardelijke beëindiging dwangverpleging

De rechtbank Amsterdam heeft op 20 januari 2026 de vordering van de officier van justitie behandeld tot verlenging van de terbeschikkingstelling (tbs) van een man geboren in 1962, die sinds 2019 onder deze maatregel valt na bewezenverklaring van poging tot zware mishandeling. De tbs is eerder al meerdere malen verlengd, laatstelijk in mei 2025.

Tijdens de zitting werd tevens gevorderd om de dwangverpleging van overheidswege voorwaardelijk te beëindigen. De terbeschikkinggestelde verblijft sinds 2022 in een forensisch beschermd wonen en toont een stabiel functioneren, hoewel hij geen probleeminzicht heeft. De medicatie (Olanzapine) en externe begeleiding zijn essentieel om impulsief en antisociaal gedrag te voorkomen.

Adviezen van het FPC en de reclassering bevestigen dat het recidiverisico laag is binnen de huidige gestructureerde setting, mits de terbeschikkinggestelde zich houdt aan voorwaarden zoals medicatie-inname, toezicht en leefregels. De rechtbank verlengt de tbs met één jaar en stemt in met de voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging, onder strikte voorwaarden en toezicht van de reclassering.

De voorwaarden omvatten onder meer geen strafbare feiten plegen, meewerken aan toezicht en behandeling, alcoholverbod, begeleid wonen, en het naleven van huisregels. Bij overtreding kan een time-out in het FPC worden opgelegd. Tegen deze beslissing staat hoger beroep open voor zowel het Openbaar Ministerie als de terbeschikkinggestelde.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met één jaar en beëindigt de dwangverpleging voorwaardelijk onder strikte voorwaarden en toezicht.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Strafrecht
Parketnummer rechtbank: 13/654135-16
Parketnummer hof: 23/002332-17
beslissing van de meervoudige kamer op de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de termijn van de terbeschikkingstelling van:

[terbeschikkinggestelde] ,

geboren op [geboortedag] 1962 in [geboorteplaats] ,
wonende op het adres [adres] ,
onder verantwoordelijkheid van FPC [kliniek 1] te [plaats 1] ,
hierna te noemen: de terbeschikkinggestelde.

Procesgang

Bij arrest van het gerechtshof Amsterdam van 27 november 2018 is de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege opgelegd na bewezenverklaring van onder meer het misdrijf poging tot zware mishandeling. Dit is een misdrijf dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. De terbeschikkingstelling is daarom niet gemaximeerd tot een periode van vier jaar.
De terbeschikkingstelling is ingegaan op 1 januari 2019. Deze maatregel is voor het laatst bij beslissing van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 28 mei 2025 met één jaar verlengd.
De rechtbank heeft de vordering van de officier van justitie van 27 november 2025 op de openbare zitting van 20 januari 2026 behandeld. De vordering strekt tot verlenging van de termijn van de terbeschikkingstelling met één jaar. Ter zitting heeft de officier van justitie de vordering gewijzigd in die zin dat ook voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege wordt gevorderd.
De rechtbank heeft de terbeschikkinggestelde, zijn raadsman mr. S.O. Roosjen en de officier van justitie mr. M.D. Braber op zitting gehoord.
Daarnaast zijn [persoon 1] , regiebehandelaar, verbonden aan de instelling FPC [kliniek 1] , en [persoon 2] , reclasseringswerker, als deskundige gehoord.

Stukken

De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:
  • een advies van de instelling FPC [kliniek 1] van 31 oktober 2025, opgemaakt door [persoon 1] , [persoon 3] en [persoon 4] , zoals genoemd in artikel 6:6:12 lid 1 Sv Pro;
  • een advies van de reclassering van 1 januari 2026, opgemaakt door [persoon 2] en [persoon 5] ;
  • de voortgangsverslagen;
  • de negatieve beslissing ten aanzien van het onderzoek naar het afgeven van een zorgmachtiging.

Advies/Adviezen

Het advies van
FPC [kliniek 1]luidt – zakelijk weergegeven – als volgt.
De diagnose
De terbeschikkinggestelde is een licht verstandelijk beperkte 63-jarige man, gediagnosticeerd met een andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met antisociale, narcistische en theatrale trekken en een andere gespecificeerde aandachtsdeficiëntie-/hyperactiviteits-stoornis.
De behandeldoelen en het behandelverloop
Het proefverlof is op 1 oktober 2022 ingegaan. De terbeschikkinggestelde verblijft sinds 18 oktober 2022 in dit kader in FPA [kliniek 2] . Dit is dichter bij zijn netwerk en in een voor hem een bekende omgeving.
Sinds 25 maart 2025 woont hij in een appartement bij forensisch wonen op het terrein
van [GGZ locatie] . Hij heeft een eigen studio en is daar erg gelukkig.
De terbeschikkinggestelde gaat alleen op verlof als het mooi weer is. Eerder praktiseerde hij liever geen verlof in zijn eentje, maar dat pakt hij nu steeds meer op. Na een verlof is hij op tijd terug.
Er is geen sprake van probleeminzicht of probleembesef bij de terbeschikkinggestelde. Gesteld kan worden dat externe structuur en begeleiding, geboden door de FPA [kliniek 3] , beschermend zijn in die zin dat hij dan (veel) minder geneigd is impulsief of antisociaal te handelen. Daarnaast is de instelling op Olanzapine een essentieel onderdeel op het verminderen van impulsiviteit en eventuele angstgevoelens en daarmee ook op delictgedrag. De terbeschikkinggestelde werkt mee aan zijn traject, maar is het niet eens met de depot-medicatie. Het depot is een voorwaarde voor het verblijf in een FPA.
De verwachting is dat de terbeschikkinggestelde blijvend aangewezen zal zijn op begeleiding, externe structuur en controle. Nu er al een aantal jaren sprake is van stabiel beeld in zijn functioneren is de koers gericht op het voorwaardelijk beëindigen van de dwangverpleging.
De voorwaarden waar de terbeschikkinggestelde zich aan heeft verbonden binnen het huidige proefverlof kunnen binnen een voorwaardelijke beëindiging op dezelfde wijze vormgegeven worden. Wel is duidelijk dat er sprake zal moeten zijn van een gedwongen kader waarbij vooralsnog de reclassering een belangrijke rol kan vervullen.
De risicotaxatie en het risicomanagement
Ondanks dat er met de terbeschikkinggestelde inhoudelijk niet over factoren die hebben bijgedragen aan het delictgedrag kan worden gesproken, en de delictanalyse daardoor niet geheel helder is, is het wel mogelijk gebleken om risico- en beschermende factoren te bepalen. Gesteld kan worden dat externe structuur en begeleiding beschermend zijn in die zin dat de terbeschikkinggestelde dan (veel) minder geneigd is impulsief of antisociaal te handelen. Ook de instelling op Olanzapine heeft een grote invloed op verminderen van impulsiviteit (en eventuele angstgevoelens) en daarmee ook op delictgedrag.
Binnen het forensisch begeleid wonen op het terrein van [GGZ locatie] in [plaats 2] wordt de
beschermende setting die de terbeschikkinggestelde behoeft voortgezet en kunnen de basisvoorwaarden worden gewaarborgd (wonen in een omgeving met voldoende structuur, begeleiding en toezicht, instelling op medicatie), wat maakt dat het delictgedrag als laag wordt ingeschat. Op de dagbesteding van GGZ terrein functioneert hij goed en zelfstandig en wordt hij gezien als harde werker.
Het risico op incidenten wordt laag ingeschat. Verwacht wordt dat hij met medicatie en binnen de context van een gestructureerde setting niet snel tot agressie zal komen. Tijdens de vele jaren in detentie is er voor zover bekend nauwelijks probleemgedrag geweest en ook in de kliniek is het sinds instelling op medicatie niet meer tot incidenten gekomen. De positieve ontwikkeling in de behandeling is ook terug te zien in de risicotaxatie, deze is lager in vergelijking met vorig jaar.
In de FPA is de terbeschikkinggestelde goed in contact met het behandelteam, werkt hij samen en laat hij zich aansturen. Uit de samenwerking gaan en zich niet laten aansturen zijn
belangrijke vroegsignalen die goed door de begeleiding zijn waar te nemen. De terbeschikkinggestelde kan zelf niet vroegsignaleren. De verloven worden goed voor- en nabesproken en wanneer blijkt dat hij zich niet aan de afspraken houdt rondom of tijdens de verloven zullen hier passende interventies op worden uitgezet. Inname van medicatie is gewaarborgd middels een depot. De toediening van het depot is een verlofvoorwaarde en wanneer de terbeschikkinggestelde de medicatie op de FPA weigert in te nemen, zal hij terug worden geplaatst naar de [kliniek 1] . Het FPC heeft een nauwe samenwerkingsrelatie met FPA [kliniek 2] .
Het advies luidt de termijn van de terbeschikkingstelling met één jaar te verlengen en de verpleging van overheidswege voorwaardelijk te beëindigen.
De deskundige heeft dit advies ter zitting toegelicht.

Rapport van de reclasseringHet advies van de reclassering luidt – zakelijk weergegeven – als volgt.

Geadviseerd wordt de tbs te verlengen en de dwangverpleging voorwaardelijk te beëindigen, met de volgende voorwaarden:
• Geen strafbaar feit plegen
• Meewerken aan reclasseringstoezicht
• Meewerken aan time-out
• Niet naar het buitenland
• Ambulante behandeling
• Begeleid wonen of maatschappelijke opvang
• Alcoholverbod
• Netwerk
• Financiën
• Dagbesteding
De terbeschikkinggestelde heeft zich, ondanks zijn weerzin, in het huidige kader van proefverlof gehouden aan de voorwaarden omdat hij niet teruggeplaatst wil worden naar het FPC. Er is sprake van een stabiel, negatief en ontkennend, beeld.
Het risico op recidive in de huidige setting wordt door de reclassering ingeschat als laag. Acceptatie van de depotmedicatie is de belangrijkste beschermende factor. Als hij dat weigert, neemt het risico op recidive van een geweldsdelict toe naar hoog.
De reclassering was tijdens de verlengingszitting in 2024 van mening dat handhaving van het huidige dwangkader (proefverlof) voor plaatsing in forensisch beschermd wonen noodzakelijk was om tijdig en adequaat in te kunnen grijpen. Volgens nieuw verkregen informatie van de [kliniek 1] is het ook mogelijk om de terbeschikkinggestelde in het kader van de voorwaardelijke beëindiging van de tbs-maatregel, bij een verhoging van het recidiverisico, middels een time-out te stabiliseren door een opname in de kliniek van herkomst. Om die reden schatten de [kliniek 1] en de reclassering in dat de terbeschikkinggestelde zich ook tijdens de voorwaardelijke beëindiging van de tbs-maatregel zal houden aan de voorwaarden. Daarnaast heeft hij het naar zijn zin bij forensisch beschermd wonen en is hij blij met zijn appartement. Hij wil graag zijn verblijf daar voortzetten.
De voorwaarden waar betrokkene zich aan heeft verbonden binnen het huidige proefverlof kunnen dus binnen een voorwaardelijke beëindiging op dezelfde wijze vormgegeven worden. Het extern ingezette risicomanagement blijft hierdoor gehandhaafd en wordt noodzakelijk geacht. Gedurende de voorwaardelijke beëindiging zal onderzocht worden welke zorg er op de lange termijn (na afloop van het forensisch kader) geïndiceerd is.
De verwachting is dat de terbeschikkinggestelde blijvend aangewezen zal zijn op begeleiding, externe structuur en controle.
De deskundige heeft dit advies ter zitting toegelicht.

Standpunten

De officier van justitie heeft op de zitting de vordering gewijzigd en gevorderd dat de termijn van de terbeschikkingstelling wordt verlengd met één jaar met voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege. Aan de voorwaarden voor verlenging is voldaan.
De advocaat heeft zich niet verzet tegen toewijzing van de gewijzigde vordering waarbij de maatregel met één jaar wordt verlengd en de dwangverpleging voorwaardelijk wordt beëindigd.

Beoordeling

De rechtbank heeft kennisgenomen van alle voorgenoemde stukken. Zij komt op grond van de stukken en hetgeen is besproken ter zitting tot het volgende oordeel.
De stoornissen van de terbeschikkinggestelde zijn nog steeds aanwezig en het recidiverisico is bij wegvallen van het kader hoog.
De veiligheid van anderen en/of de algemene veiligheid van personen eist daarom de verlenging van de maatregel en dat de termijn van de terbeschikkingstelling met één jaar moet worden verlengd.
De verpleging van overheidswege moet voorwaardelijk worden beëindigd. De rechtbank stelt ter bescherming van de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen voorwaarden betreffende het gedrag van de terbeschikkinggestelde. De rechtbank neemt de door de reclassering opgestelde voorwaarden over. De terbeschikkinggestelde heeft zich bereid verklaard de voorwaarden na te leven.

Beslissing

De rechtbank:
- verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met één jaar en beëindigt de verpleging van overheidswege voorwaardelijk onder de volgende - nu al geldende - voorwaarden:
• Geen strafbaar feit plegen

Terbeschikkinggestelde maakt zich niet schuldig aan een strafbaar feit.

• Meewerken aan reclasseringstoezicht

Terbeschikkinggestelde werkt mee aan het reclasseringstoezicht. Deze medewerking houdt onder meer in:

  • Terbeschikkinggestelde meldt zich op afspraken bij de reclassering. De reclassering bepaalt hoe vaak dat nodig is.
  • Terbeschikkinggestelde laat een of meer vingerafdrukken nemen en laat een geldig identiteitsbewijs zien. Dit is nodig om de identiteit van betrokkene vast te stellen.
  • Terbeschikkinggestelde houdt zich aan de aanwijzingen van de reclassering. De reclassering kan aanwijzingen geven die nodig zijn voor de uitvoering van het toezicht of om betrokkene te helpen bij het naleven van de voorwaarden.
  • Terbeschikkinggestelde werkt mee aan huisbezoeken.
  • Terbeschikkinggestelde e geeft de reclassering inzicht in de voortgang van begeleiding en/of behandeling door andere instellingen of hulpverleners.
  • Terbeschikkinggestelde vestigt zich niet op een ander adres zonder toestemming van de reclassering.
  • Terbeschikkinggestelde werkt mee aan het uitwisselen van informatie met personen en instanties die contact hebben met betrokkene, als dat van belang is voor het toezicht.
• Meewerken aan time-out
Als de reclassering dat nodig vindt en terbeschikkinggestelde daarmee instemt, kan terbeschikkinggestelde voor een time-out worden opgenomen in de Forensisch Psychiatrisch Centrum (FPC) [kliniek 1] of een soortgelijke zorgverlener. Deze
time-out duurt totdat de reclassering of terbeschikkinggestelde deze beëindigt, maar maximaal zeven weken, met de mogelijkheid van verlenging met nog eens maximaal zeven weken, tot maximaal veertien weken per jaar. Terbeschikkinggestelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling. Gelet op de problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorgverlener dat nodig
vindt.
• Niet naar het buitenland

Terbeschikkinggestelde gaat niet naar het buitenland of het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden, zonder toestemming van de reclassering.

• Ambulante behandeling
Terbeschikkinggestelde laat zich behandelen door een GGZ-instelling of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. Terbeschikkinggestelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de
behandeling. Gelet op de problematiek kan hieronder ook het innemen van
medicijnen vallen, als de zorgverlener dat nodig vindt.
• Begeleid wonen of maatschappelijke opvang
Terbeschikkinggestelde verblijft in een instelling voor beschermd wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Terbeschikkinggestelde houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in
overleg met de reclassering voor hem heeft opgesteld.
• Alcoholverbod
Terbeschikkinggestelde gebruikt geen alcohol, en werkt mee aan urineonderzoek en ademonderzoek (blaastest) om dit alcoholverbod te controleren. De reclassering bepaalt met welke controlemiddelen en hoe vaak terbeschikkinggestelde
wordt gecontroleerd.
• Netwerk

Terbeschikkinggestelde geeft inzicht in zijn sociaal netwerk en geeft de reclassering, indien dit nodig wordt geacht, toestemming om (ook in zijn afwezigheid) met zijn netwerk te spreken.

• Financiën

Terbeschikkinggestelde geeft inzicht in zijn financiën. Hij houdt zich aan de gemaakte afspraken over inkomsten en uitgaven en geeft ten minste maandelijks inzage in zijn bankafschriften.

• Dagbesteding.

Terbeschikkinggestelde heeft een dagbesteding naar draaglast, houdt zich aan de gemaakte afspraken en verandert niet van dagbesteding zonder toestemming van de reclassering.

- geeft Reclassering Nederland opdracht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en terbeschikkinggestelde ten behoeve daarvan te begeleiden.
Deze beslissing is gegeven door
mr. I. Timmermans, voorzitter,
mrs. A.Ş. Doğan en C.J.M. in ‘t Veld-Vernooij, rechters,
in tegenwoordigheid van G. Jenuwein, griffier
en in het openbaar uitgesproken op 20 januari 2026.
Tegen de beslissing staat voor het Openbaar Ministerie en voor de terbeschikkinggestelde hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden open, in te stellen bij de griffie van deze rechtbank, door het Openbaar Ministerie binnen veertien (14) dagen na de dagtekening van deze beslissing en door de terbeschikkinggestelde binnen veertien (14) dagen na betekening van deze beslissing.