ECLI:NL:RBAMS:2026:7609

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
20 juli 2026
Publicatiedatum
24 juli 2026
Zaaknummer
C/13/790633 / FA RK 26/5375
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 24 Wzd
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing rechterlijke machtiging tot opname en verblijf wegens ernstige psychogeriatrische aandoening

Betrokkene lijdt aan een ernstige neurocognitieve stoornis door de ziekte van Alzheimer, met volledige afhankelijkheid en gedragsstoornissen. Deze aandoening veroorzaakt ernstig nadeel, waaronder psychische schade, verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. De mantelzorger, echtgenote van betrokkene, is fysiek kwetsbaar en overbelast door de zorgzwaarte.

De huisarts en casemanager dementie bevestigen dat de zorg in de thuissituatie te zwaar is en dat betrokkene niet langer alleen gelaten kan worden vanwege risico op dwalen en medicatiefouten. Betrokkene verzet zich tegen opname en verblijf, toont verontwaardigd en afhoudend gedrag en accepteert geen hulp, terwijl hij constant begeleiding nodig heeft.

De rechtbank oordeelt dat opname en verblijf noodzakelijk en geschikt zijn om het ernstig nadeel te voorkomen en dat er geen minder ingrijpende alternatieven zijn. De machtiging wordt daarom verleend voor de duur van zes maanden, tot uiterlijk 20 januari 2027.

Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot opname en verblijf voor zes maanden wegens ernstige psychogeriatrische aandoening en onhoudbare thuissituatie.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/790633 / FA RK 26/5375
Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf
Beschikking van 20 juli 2026,van de Rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) ingediende verzoek tot het verlenen van een machtiging voor de duur van zes maanden als bedoeld in artikel 24 e.v. van de Wet zorg en dwang (Wzd), ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedatum] 1943,
wonende te [adres] ,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. P. Veenhoven te Amsterdam,
zorgaanbieder: Cordaan thuiszorg.

1.Procesverloop

Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 6 juli 2026.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 20 juli 2026 op het thuisadres van betrokkene.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene;
- de raadsman;
- mw. [naam 1] , casemanager dementie;
- mw. [naam 2] , echtgenote van betrokkene;
- dhr. [naam 3] , (stief)zoon van betrokkene;
- dhr. [naam 4] , (stief)zoon van betrokkene.

2.Beoordeling

2.1.
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening, te weten: uitgebreide neurocognitieve stoornis door M. Alzheimer, ernstig (volledig afhankelijk) met gedragsstoornis.
2.2.
Deze psychogeriatrische aandoening leidt tot ernstig nadeel. Dit ernstig nadeel bestaat uit ernstige psychische schade, ernstige verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang.
De echtgenote van betrokkene is volledig overbelast geraakt door de toegenomen zorgzwaarte van betrokkene. Echtgenote is daarbij zelf ook (fysiek) kwetsbaar en kan de zorg voor betrokkene niet meer aan. Betrokkene kan niet meer alleen gelaten worden, dan kan hij gaan dwalen. Hij is al eerder door ambulance en politie teruggebracht. Ook medicatie-inname gaat niet goed, hij neemt het niet in of laat het liggen. Uit het schrijven van echtgenote blijkt daarbij ook dat betrokkene geen hulp accepteert en dat hij daardoor opstandig en boos raakt. Uit de documenten blijkt echter dat betrokkene bij alle (zelf)zorg ondersteuning behoeft en zelf niet meer goed begrijpt wat er verwacht wordt. De huisarts van betrokkene stelt reeds dat de zorg voor betrokkene, zelfs met ondersteuning van wijkverpleging, te zwaar is in de thuissituatie.
2.3.
De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Er zijn geen minder ingrijpende mogelijkheden om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene kan niet langer thuis verblijven, de situatie aldaar is onhoudbaar geraakt. Echtgenote, die de voornaamste mantelzorger van betrokkene is, is reeds overbelast geraakt en is daarnaast zelf ook kwetsbaar.
2.5.
Gebleken is dat betrokkene zich verzet tegen de opname en het verblijf. Betrokkene laat verontwaardigd, afhoudend en geprikkeld gedrag zien bij het bespreken van een opname. Betrokkene zegt dat het goed gaat thuis en hij bij zijn echtgenote wil blijven. Betrokkene stelt daarbij dat er niets aan de hand is. Echtgenote maakt kenbaar dat betrokkene geen ziekte-inzicht heeft en daarbij ook geen hulp accepteert. Wanneer zij tracht hem te helpen, wordt hij boos, opstandig en wil hij weggaan. In werkelijkheid gaat het helemaal niet goed met betrokkene, hij neemt geen initiatief meer en heeft constant begeleiding nodig. Ook is betrokkene vaak dwingend. Betrokkene kan daarnaast ook niet meer alleen gelaten worden, omdat hij dan zomaar kan besluiten weg te gaan.
2.6.
De raadsman heeft namens betrokkene verzocht het verzoek af te wijzen. Betrokkene wil graag thuis blijven. Het is belangrijk om te kijken naar de beste oplossing voor betrokkene.
2.7.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor verlening van een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf als bedoeld in de Wzd. De machtiging zal worden verleend voor de (verzochte) duur van zes maanden.

3.Beslissing

De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf ten aanzien van [betrokkene] , geboren op [geboortedatum] 1943,
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 20 januari 2027.
Deze beschikking is op 20 juli 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door
mr. C.P. Bleeker, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 21 juli 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open
.