ECLI:NL:RBAMS:2026:7606

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
15 juli 2026
Publicatiedatum
24 juli 2026
Zaaknummer
C/13/790954 / FA RK 26/5555
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:7 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening machtiging tot voortzetting crisismaatregel op grond van Wvggz wegens psychotische ontregeling

De rechtbank Amsterdam heeft op 15 juli 2026 een verzoek van de officier van justitie behandeld tot verlenging van een crisismaatregel op grond van artikel 7:7 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, geboren in 1982. De crisismaatregel was op 12 juli 2026 opgelegd en de verlenging werd noodzakelijk geacht vanwege een onmiddellijk dreigend ernstig nadeel.

Uit de stukken en de mondelinge behandeling bleek dat betrokkene lijdt aan een psychotische ontregeling in het kader van schizofrenie, vermoedelijk veroorzaakt door het niet innemen van medicatie. Dit gedrag leidt tot ernstig lichamelijk letsel, materiële en financiële schade en maatschappelijke teloorgang. De ernst van de situatie maakt dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.

De rechtbank achtte de voorgestelde verplichte zorg, waaronder medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperking, toezicht en opname, noodzakelijk, evenredig en naar verwachting effectief. Betrokkene verzette zich tegen de zorg en stelde dat hij niet de betrokkene was, maar de arts meldde dat betrokkene dagelijks met een andere naam kwam, wat mogelijk voortkomt uit de psychose.

De rechtbank besloot de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor een periode van drie weken, tot uiterlijk 5 augustus 2026, met het oog op het afwenden van het dreigend ernstig nadeel en het bevorderen van de veiligheid en maatschappelijke participatie van betrokkene.

Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken wegens ernstig dreigend nadeel door psychotische ontregeling.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/790954 / FA RK 26/5555
kenmerk: VCM/IND/208541
Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
Beschikking van 15 juli 2026van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betokkene],
geboren op [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats],
wonende te [adres 1],
verblijvende te [adres 2],
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. J.J. van Santbrink te Rotterdam,
zorgaanbieder: Arkin.

1.Procesverloop

Bij verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 13 juli 2026, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 12 juli 2026 opgelegde crisismaatregel.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 15 juli 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder.
Ter zitting heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene;
- de raadsman;
- dhr. [naam 1], arts;
- dhr. [naam 2], psychiater.
Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2.Beoordeling

2.1.
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in: ernstig lichamelijk letsel, ernstige materiële schade, ernstige financiële schade en maatschappelijke teloorgang.
Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van een psychotische ontregeling ihkv onderliggende schizofrenie, als gevolg van niet innemen van medicatie. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
2.2.
De rechtbank is van oordeel dat van de zorg die is genoemd in de crisismaatregel, de volgende vormen van zorg noodzakelijk zijn om het nadeel af te wenden:
  • toedienen van vocht en voeding;
  • toedienen van medicatie;
  • het verrichten van medische controles;
  • het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • onderzoek aan kleding of lichaam;
  • onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
  • controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
  • opnemen in een accommodatie.
2.3.
De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief
.Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
2.4.
Betrokkene heeft verklaard dat hij [naam 3] heet en in [plaats] woont. De raadsman heeft namens betrokkene naar voren gebracht dat betrokkene niet weet waar dit over gaat en dat hij geen psychiatrisch patiënt is. Betrokkene heeft het standpunt dat hij niet [betokkene] is en daarom het verzoek moet worden afgewezen. Er zijn bijvoorbeeld nog geen foto’s genomen dus de identificatie is nog niet waterdicht.
De arts heeft verteld dat betrokkene elke dag met een andere naam komt. Gister had hij nog de naam [naam 4]. Het is onduidelijk of dit voortkomt uit een psychose of omdat betrokkene geen voortzetting van de crisismaatregel wil.
De psychiater heeft ter zitting gevraagd of er foto’s gemaakt mogen worden van betrokkene zodat die aan familie getoond kunnen worden en om duidelijkheid te krijgen over de identiteit van betrokkene. Betrokkene heeft aangegeven mee te werken.
2.5.
Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden.

3.Beslissing

De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van [betokkene],
geboren op [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats], voor zover het de in rechtsoverweging 2.2 genoemde vormen van verplichte zorg betreft;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 5 augustus 2026;
Deze beschikking is op 15 juli 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door
mr. C.P. Bleeker, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 21 juli 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open
.