Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 januari 2026 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [plaats] , eiseres
Samenvatting
Procesverloop
ex-werkgever van eiseres voor eiseres een uitkering voor betaald ouderschapsverlof aangevraagd, met ingang van 20 juni 2024, op grond van de WAZO. Met het besluit van 28 oktober 2024 heeft het UWV beslist dat eiseres geen recht heeft op de WAZO-uitkering, omdat zij niet verzekerd was voor de Ziektewet.
Beoordeling door de rechtbank
1 november 2023 tot en met 31 oktober 2024. Per 20 juni 2024 is eiseres daarom niet verzekerd voor de Ziektewet. Volgens het UWV ziet artikel 6:3, zevende lid, van de WAZO, niet op de situatie van eiseres. Dit wetsartikel ziet alleen op werknemers die wel arbeid verrichten op basis van een arbeidsovereenkomst en waarvan die arbeidsverhouding op grond van artikel 6 van Pro de Ziektewet niet als dienstbetrekking wordt aangemerkt. Uit de memorie van toelichting bij de WAZO (Kamerstukken 2020-2021, 35613, nr. 3) volgt dat de wetgever niet heeft willen regelen dat de werknemer die onbetaald verlof geniet tijdens deze periode recht heeft op een uitkering voor betaald ouderschapsverlof, aldus het UWV.
arbeid verrichten(cursivering toegevoegd door de rechtbank). Verder staat in de toelichting dat richtlijn 2019/1158 op grond van artikel 2 van Pro toepassing is op alle mannelijke en vrouwelijke werknemers met een arbeidsovereenkomst of een arbeidsbetrekking zoals bepaald door de in elke lidstaat geldende wetgeving, collectieve overeenkomst of gebruiken, rekening houdend met de rechtspraak van het Hof van Justitie. Nu (aanvullend) geboorteverlof uit de richtlijn komt, zal dit recht met een bijhorende uitkering ook voor de niet-verzekerde werknemers moeten gaan gelden die op basis van een arbeidsovereenkomst of publiekrechtelijke aanstelling
arbeid verrichten(cursivering toegevoegd door de rechtbank), zo nog steeds de memorie van toelichting.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
mr.C.J. van ‘t Hoff, griffier.