ECLI:NL:RBAMS:2026:6584
Rechtbank Amsterdam
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid rechtbank Amsterdam in geschil over schorsingsbesluit Koninklijke Nederlandse Dambond
In deze civiele bodemzaak vordert eiser, een Nederlandse topsporter in het dammen, de vernietiging van een schorsingsbesluit van de Koninklijke Nederlandse Dambond (KND) en een schadevergoeding wegens gemiste wedstrijden. De KND heeft eiser geschorst voor de duur van één jaar en heeft bezwaar en beroep tegen deze schorsing afgewezen.
KND verzoekt in een incident de zaak te verwijzen naar het team kanton van de rechtbank Amsterdam, omdat de vordering lager is dan € 25.000,- en daarmee volgens artikel 93 Rv Pro binnen de bevoegdheid van de kantonrechter valt. Eiser betwist dit en stelt dat de rechtbank Amsterdam, team handelszaken, bevoegd is op grond van artikel 2:15 lid 3 BW Pro.
De rechtbank overweegt dat de vordering tot vernietiging van het bestuursbesluit van KND valt onder artikel 2:15 lid 3 BW Pro, waardoor de rechtbank van de woonplaats van de rechtspersoon bevoegd is. Dit leidt tot de conclusie dat de rechtbank Amsterdam, team handelszaken, bevoegd is en dat verwijzing naar het team kanton niet aan de orde is.
De rechtbank wijst het verzoek van KND tot verwijzing af en veroordeelt KND in de kosten van het incident. De hoofdzaak wordt aangehouden tot 5 augustus 2026 voor conclusie van antwoord.
Uitkomst: De rechtbank Amsterdam is bevoegd en wijst het verzoek tot verwijzing naar het team kanton af.