Uitspraak
1.De procedure
- het tussenvonnis van 20 juni 2025,
- de mondelinge behandeling van 25 september 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt,
- de akte van Media Markt,
- de akte van [gedaagde].
Rechtbank Amsterdam
Media Markt vordert terugbetaling van twee maanden ziektewetuitkering die zij onverschuldigd aan haar voormalig werknemer heeft betaald nadat het UWV de uitkering had stopgezet. De werknemer had geen bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV en betwist niet dat het besluit formele rechtskracht heeft gekregen.
De werknemer voert aan dat alleen het UWV op grond van de Ziektewet bevoegd is om onverschuldigd betaald ziektegeld terug te vorderen en dat Media Markt geen terugvorderingsbesluit van het UWV heeft. De rechtbank stelt vast dat Media Markt dit niet heeft betwist, noch heeft onderbouwd op grond waarvan zij zelf aanspraak kan maken op terugbetaling.
De rechtbank oordeelt dat de Ziektewet het UWV als enige instantie aanwijst voor terugvordering van onverschuldigd betaald ziektegeld, ook in het geval van een eigenrisicodrager. Media Markt kan het teveel betaalde bedrag niet in een civiele procedure terugvorderen. De vordering wordt afgewezen en Media Markt wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van Media Markt tot terugbetaling van onverschuldigd betaald ziektegeld wordt afgewezen.