Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
Voor nu laten we een termijn afspreken voor het vinden van een huis voor jou. Uiterlijk maart 2026? Tot die tijd laten we het beste ervan maken voor ons beide belangrijk (bloeddruk). Veel logeren bij vrienden, allebei. (…).” [de man] heeft hierop geantwoord met: “
Oké.”. Er is dus niet alleen sprake van een mondelinge toezegging, gedaan in een opwelling, maar ook van een schriftelijke toezegging, gedaan na enkele maanden. Die toezegging heeft uiteraard ook gevolgen gehad voor de verdere gang van zaken. [de vrouw] is niet verder gaan zoeken naar woonruimte voor haarzelf, omdat zij er gezien de toezegging vanuit ging dat [de man] de woning op afzienbare termijn zou verlaten. En in de tussentijd hadden zij afgesproken er het beste van te maken en afwisselend elders te verblijven. Onder die omstandigheden kan [de man] nu niet aan [de vrouw] tegenwerpen dat zij niet op zoek is gegaan naar een andere woning en ook niet dat zij, anders dan hij, veel elders heeft verbleven.