Uitspraak
[gedaagde 1] B.V.,
[gedaagde 2] B.V.,
[gedaagde 3] B.V.,
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
- [gedaagde 1] veroordeelt tot betaling van € 6.709,62 aan hoofdsom, € 971,44 aan wettelijke handelsrente tot en met 30 december 2025 en € 710,48 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 31 december 2025 over een bedrag van € 6.709,62;
- [gedaagde 2] veroordeelt tot betaling van € 4.030,87 aan hoofdsom, € 605 aan wettelijke handelsrente tot en met 30 december 2025 en € 528,08 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 31 december 2025 over een bedrag van € 4.030,87;
- [gedaagde 3] veroordeelt tot betaling van € 1.721,30 aan hoofdsom, € 258,35 aan wettelijke handelsrente tot en met 30 december 2025 en € 258,19 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 31 december 2025 over een bedrag van € 1.721,30;
- [gedaagden] veroordeelt in de proceskosten.