Uitspraak
1.De procedure
€ 1.000,00 aan ontbrekende huur over de periode juli 2024 tot en met juni 2025, dat onderdeel was van de door hem gevorderde hoofdsom, niet meer vordert. Vervolgens is vonnis bepaald.
2.De feiten
€ 1.700,00 bedraagt.
Monthly rent is € 2,500.- This monthly rent consists of two components:
€ 1.700,- is transferred monthly on or before the 1st of the respective month.
For the first year, the difference of €9.600,- (12 x €800,-) has been received in full.
3.Het geschil
€ 2.754,64 bedraagt. Volgens [gedaagde] moet het supplement gezien worden als een addendum bij de hoofdhuurovereenkomst. Nu het addendum slechts gold voor de eerste twee jaren en vanaf 1 juli 2025 geen werking meer heeft, geldt de in de huurovereenkomst bepaalde huurprijs van € 1.700,00 per maand.
4.De beoordeling
The total rent of €2.500,- per month is fixed for a maximum period of 2 years. Therefore, no indexation of the rent will take place until 30 June 2025 at the latest’.Gelet hierop zijn partijen dus zijn overeengekomen dat de huurprijs tot 30 juni 2025 niet geïndexeerd zal worden. [eiser] heeft overigens in 2024 ook geen huurprijsindexatie aangezegd. Dit betekent dat de huurprijs per 1 juli 2025 ook niet berekend mocht worden op basis van de jaarlijkse indexering sinds juli 2024. Desondanks heeft [eiser] bij het bepalen van de huurprijs per 1 juli 2025 wel rekening gehouden met de indexeringspercentages voor zowel het niet eerder geïndexeerde jaar 2024 als 2025, zoals blijkt uit de brief van 29 april 2025. Hieruit volgt dat [eiser] ten onrechte nabetaling vordert van huurprijsverhogingen berekend op basis van de jaarlijkse indexatie met ingang van 1 juli 2024.