Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2 februari 2026, 6 februari 2026, 9 februari 2026, 10 februari 2026 en 13 februari 2026. Dit vonnis is op 11 juni 2026 op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen.
2.Tenlastelegging
De officier van justitie heeft voor het primair tenlastegelegde medeplegen vrijspraak gevorderd.
27 mei 2016 ongeveer rond 19:30 uur bij het water aan de Overdiemerweg in Diemen een rode Fiat 500 heeft zien staan met daarbij drie negroïde personen, waarvan er minimaal één persoon een zwarte pet op had. [4] Deze ontmoetingsplek was op tien meter verwijderd van de locatie waar een dag later een scooter met dezelfde kleuren als de vluchtscooter in het water is aangetroffen. [5]
26 en 27 mei 2016 in Diemen was en dat hij toen een ontmoeting heeft gehad met onder andere [naam schutter] en [naam 2] . Verdachte zelf en [naam 2] zijn twee van de drie mannen die getuige [naam getuige] op 27 mei 2016 bij het water aan de Overdiemerweg heeft gezien.
op 27 mei 2016, inhoudende:
Ik ben vdv
Met wie?
[bijnaam]
Je blijft daar pitten vandaag?
Ja
Vandaag akersloot
Waar is [bijnaam]
Jullie zijn weer thuis?
- Geesterweg Akersloot. Op het adres Geesterweg 1a te Akersloot is Hotel Van der Valk Akersloot gevestigd. [12]
“Grooooooooootste kanker clowns. Die meid heeft ze voor de 2de x geloest. Kwil hun nooit meer zien”. Daarop reageert verdachte: “
Serieus(om 21:11 uur)
. Betaal deze rekening snel laten we gaan heb geen geld”(om 21:12 uur). [16]
tien meter van de plek waarvandaan een dag na de liquidatie een gelijk uitziende scooter als de vluchtscooter in het water is aangetroffen.
“Grooooooooootste kanker clowns. Die meid heeft ze voor de 2de x geloest. Kwil hun nooit meer zien”. Hierop antwoordt verdachte:
“Serieus. Betaal deze rekening snel laten we gaan heb geen geld.”In samenhang bezien met de aanwezigheid van verdachte op dat moment in de wijk van [slachtoffer] , alsmede de bewegingen en locaties van [slachtoffer] die avond, begrijpt de rechtbank deze berichten zo dat [naam 1] er geïrriteerd over is dat [slachtoffer] (“
die meid”) die avond al twee keer van zijn huis heeft kunnen wegrijden en heeft kunnen ontkomen (“
geloest”) zonder dat ze hem hebben kunnen doodschieten. Verdachte rijdt op dat moment rondjes in de wijk van [slachtoffer] en stuurt naar [naam 1] dat ze [slachtoffer] snel moeten doodschieten (“
betaal deze rekening snel”) omdat hij geen geld heeft.
4.Bewezenverklaring
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straf
14 jaar en zes maanden in beginsel passend en geboden is.
12 juni 2017, de dag waarop verdachte voor de eerste keer is gehoord als verdachte. Dit betekent dat de redelijke termijn met zeven jaar is overschreden. Dit levert een schending van artikel 6 EVRM Pro op waarbij gelet op de duur van de overschrijding niet kan worden volstaan met de enkele constatering van die schending. Overeenkomstig vaste jurisprudentie van de Hoge Raad zal de rechtbank naar bevind van zaken handelen nu de overschrijding van de redelijke termijn meer dan twaalf maanden bedraagt. De strafvermindering bij een overschrijding tot twaalf maanden is ongeacht de hoogte van de straf maximaal zes maanden. De rechtbank acht het dubbele van die strafvermindering, zijnde een strafvermindering van twaalf maanden in dit specifieke geval passend.
gevangenisstrafvoor de duur van
13 jaar en zes maandenopleggen.
8.De benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel
€ 7.000,-.
€ 30.000,- wegens shockschade. Hij heeft zijn vader met zijn eigen ogen van zeer dichtbij neergeschoten zien worden. Het gerechtshof heeft in de zaak tegen de schutter het volgende overwogen:
€ 20.000,- wegens shockschade. Het Gerechtshof heeft daartoe overwogen:
[benadeelde partij 2] gevorderde € 7.000,- eveneens zal toewijzen.
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
Wetboek van Strafrecht.
10.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvan
13 (dertien) jaar en 6 (zes) maanden.
gevangennemingvan verdachte. Deze beslissing is separaat opgesteld.
de benadeelde partij [benadeelde partij 1]toe tot
€ 10.000,- (tienduizend euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (27 mei 2016) tot aan de dag van de algehele voldoening.
.
€ 10.000,- (tienduizend euro)te betalen, behalve voor zover dit bedrag al door of namens anderen is betaald, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (27 mei 2016) tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan
gijzelingworden toegepast voor de duur van
75 (vijfenzeventig) dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
de benadeelde partij [benadeelde partij 2]toe tot
€ 7.000,- (zevenduizend euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (27 mei 2016) tot aan de dag van de algehele voldoening.
.
gijzelingworden toegepast voor de duur van
60 (zestig) dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.