Uitspraak
1.de besloten vennootschap The Bowl B.V.
1.De procedure
- de dagvaardingen van 24 en 25 november 2025, met bijlagen;
- het proces-verbaal van het mondeling antwoord van gedaagden;
- het tussenvonnis van 23 december 2025;
- de dagbepaling mondelinge behandeling;
- de akte vermeerdering van eis, tevens akte overlegging producties.
2.De feiten
“Telkens indien een uit hoofde van de huurovereenkomst door huurder verschuldigd bedrag niet prompt op de vervaldag is voldaan, verbeurt huurder aan verhuurder van rechtswege per kalendermaand vanaf de vervaldag van dat bedrag een direct opeisbare boete van 1% van het verschuldigde per kalendermaand, waarbij elke ingetreden maand als een volle maand geldt, met een minimum van € 300,00 per maand.”
doorbelasting factuur Uniglas ivm ingegooide ruit deur” toegezonden. The Bowl heeft deze factuur onbetaald gelaten.
3.Het geschil
- de huurovereenkomst tussen partijen ontbindt;
- The Bowl veroordeelt om binnen zeven dagen na betekening van het vonnis het gehuurde bedrijfsruimte aan de [adres] te ontruimen, en met al de zijnen en het zijne te verlaten en de sleutels ter beschikking van Libra te stellen;
- gedaagden hoofdelijk veroordeelt tot betaling van € 55.746,63 aan achterstallige huur inclusief btw en servicekosten (berekend tot en met april 2026), alsmede een openstaande factuur van Uniglas ter hoogte van € 507,38, te vermeerderen met wettelijke handelsrente vanaf de respectieve vervaldata tot aan de dag van algehele voldoening;
- gedaagden hoofdelijk veroordeelt tot betaling van € 4.007,68 voor iedere maand dat de huurovereenkomst nog voortduurt na april 2026;
- gedaagden hoofdelijk veroordeelt tot betaling vanaf de datum van ontbinding van de huurovereenkomst tot en met 30 november 2030,
- gedaagden hoofdelijk veroordeelt tot betaling van de door Libra aan B&O Retail verschuldigde courtage, exclusief btw, te vermeerderen met de wettelijke rente;
- gedaagden hoofdelijk te veroordelen tot betaling van € 4.500,00 aan boetes en € 8.316,99, althans € 1.332,47 aan buitengerechtelijke incassokosten;
- gedaagden hoofdelijk veroordeelt in de proceskosten.
4.De beoordeling
€ 3.561,08 in totaal, voor zover van toepassing inclusief btw. Deze kosten zijn als volgt opgebouwd:
griffierecht € 1.461,00