ECLI:NL:RBAMS:2026:548
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Wijziging locatieverbod bijzondere voorwaarde in voorwaardelijke straf
De rechtbank Amsterdam heeft op 16 januari 2026 een beslissing genomen tot wijziging van een bijzondere voorwaarde die was opgelegd bij een eerder onherroepelijk vonnis van 26 maart 2025. De veroordeelde was toen veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf, waarvan 15 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, inclusief een locatieverbod met elektronische monitoring.
De officier van justitie verzocht de rechtbank om het locatieverbod te wijzigen op basis van een advies van de reclassering van 10 oktober 2025. De reclassering stelde dat de huidige formulering van het locatieverbod, een straal van 5 kilometer rondom een specifiek adres, geen toegevoegde waarde meer heeft gezien de positieve gedragsontwikkeling van de veroordeelde tijdens de proeftijd. In plaats daarvan werd voorgesteld het verbod te beperken tot het stadsdeel Amsterdam-Noord, met inachtneming van de belangen van de slachtoffers.
De raadsman van de veroordeelde steunde dit verzoek. De rechtbank heeft de vordering van de officier van justitie toegewezen en het locatieverbod gewijzigd. De nieuwe bijzondere voorwaarde bepaalt dat de veroordeelde zich niet mag bevinden in het stadsdeel Amsterdam-Noord, blijft onder elektronische monitoring en mag niet zonder toestemming van de reclassering naar het buitenland reizen.
Uitkomst: Het locatieverbod van de veroordeelde wordt gewijzigd zodat hij zich niet meer mag begeven in het stadsdeel Amsterdam-Noord.