ECLI:NL:RBAMS:2026:4861
Rechtbank Amsterdam
- Verstek
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering tot afsluiting warmtelevering wegens ontbreken overeenkomst
Eneco Warmte & Koude Leveringsbedrijf B.V. vordert de afsluiting van de warmtelevering aan gedaagde, omdat gedaagde geen overeenkomst met Eneco heeft gesloten en weigert te betalen voor de afgenomen warmte. De kantonrechter stelt vast dat de vordering niet gebaseerd is op een overeenkomst, waardoor ambtshalve toetsing aan het consumentenrecht niet aan de orde is.
De Warmtewet, Warmteregeling en het Warmtebesluit zijn van toepassing. De kantonrechter oordeelt dat afsluiting onder de gegeven omstandigheden mogelijk is, omdat gedaagde warmte afneemt zonder te betalen en geen overeenkomst wil sluiten. Afsluiting wordt echter beperkt tot de periode van 1 april tot 1 oktober, conform artikel 4 van Pro de Warmtewet, dat afsluiting in de winterperiode zoveel mogelijk moet voorkomen.
Daarnaast wordt gedaagde veroordeeld tot betaling van afsluitkosten en een gefixeerde schadevergoeding, die in overeenstemming zijn met de door de ACM vastgestelde tarieven. Gedaagde wordt ook veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad, met uitzondering van de verklaring voor recht.
Uitkomst: Vordering tot afsluiting warmtelevering toegewezen met beperking tot periode 1 april tot 1 oktober en veroordeling tot betaling van kosten en schadevergoeding.