ECLI:NL:RBAMS:2026:4612
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling drinkwaterfacturen en toetsing consumentenrecht bij Waternet
Waternet, het Amsterdamse drinkwaterbedrijf, vordert betaling van openstaande drinkwaterfacturen van een consument die betwist dat hij de volledige periode verantwoordelijk is voor de kosten. De consument stelt pas vanaf 1 september 2023 op het verbruiksadres te wonen en heeft een betalingsregeling getroffen die volgens Waternet niet volledig is nagekomen.
De rechtbank stelt vast dat tussen partijen een overeenkomst bestaat en dat de ingangsdatum van de overeenkomst 12 september 2022 is, gebaseerd op inschrijving in het BRP. Ambtshalve toetst de rechtbank de overeenkomst aan het consumentenrecht, met name de Richtlijn 93/13/EG over oneerlijke bedingen.
De rechtbank oordeelt dat het prijsbeding niet oneerlijk is vanwege de wettelijke regulering van drinkwatertarieven. Wel acht zij het beding over buitengerechtelijke kosten oneerlijk en vermindert de vordering met €44,30 aan onterecht in rekening gebrachte kosten. Na verrekening van betalingen resteert een bedrag van €65,26 dat wordt toegewezen, vermeerderd met wettelijke rente.
De proceskosten worden gecompenseerd omdat onduidelijkheid over openstaande facturen en onjuiste stellingen van Waternet het geschil hebben bemoeilijkt. De veroordeling wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Consument wordt veroordeeld tot betaling van €65,26 plus wettelijke rente, proceskosten worden gecompenseerd.