Een werknemer, sinds oktober 2021 in dienst bij D-Pers B.V., meldde zich ziek terwijl zij in Israël verbleef vanwege familieomstandigheden. Ondanks verzoeken van de werkgever en bedrijfsarts om medewerking te verlenen aan re-integratie en het ondergaan van een belastbaarheidsonderzoek, bleef zij voornamelijk in het buitenland en gaf zij onvoldoende invulling aan haar re-integratieverplichtingen.
De werkgever legde daarom een loonstop op vanaf juni 2025, nadat de werknemer niet voldeed aan het verzuimprotocol en adviezen van de bedrijfsarts negeerde. De werknemer stelde dat zij niet naar Nederland kon reizen en dat de loonstop onterecht was, maar kon dit onvoldoende onderbouwen.
De bedrijfsarts en externe deskundigen concludeerden dat de re-integratie-inspanningen onvoldoende waren en dat de werknemer gemiddeld 20 uur per week zou kunnen werken. Het UWV bevestigde dat de re-integratie onvoldoende was geweest. De kantonrechter oordeelde dat de loonstop terecht was opgelegd en wees de vordering van de werknemer af, waarbij de proceskosten werden gecompenseerd.