Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2026:4172

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
21 april 2026
Publicatiedatum
28 april 2026
Zaaknummer
11952986
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Verstek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 21 RvRichtlijn 93/13 EG
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering onbetaalde huur rolstoel wegens ontbreken transparant prijsbeding

Medicura B.V. vordert betaling van €666,40 wegens onbetaalde huur van een rolstoel die aan [gedaagde] was geleverd en na de bruikleenperiode werd gehuurd. De rolstoel werd op 9 juni 2023 geleverd en op 7 oktober 2024 geretourneerd, na de maximale bruikleenperiode van 26 weken.

Medicura heeft [gedaagde] geïnformeerd over de bruikleenperiode en de mogelijkheid tot huur of koop na afloop, maar heeft niet duidelijk gemaakt wat de huurprijs is en hoe deze bij het aangaan van de overeenkomst aan de consument is kenbaar gemaakt. De kantonrechter stelt vast dat de informatieplicht van de handelaar niet is nageleefd en dat het prijsbeding niet transparant is, waardoor toetsing aan de Richtlijn 93/13 EG niet mogelijk is.

Medicura heeft geen bewijs geleverd, zoals schermafdrukken van het bestelproces, om het prijsbeding te onderbouwen. Hierdoor is de stelplicht niet vervuld en wordt de vordering afgewezen. Medicura wordt veroordeeld in de proceskosten, die nihil zijn begroot.

Uitkomst: De vordering tot betaling van onbetaalde huur van de rolstoel wordt afgewezen wegens het ontbreken van een transparant prijsbeding.

Uitspraak

RECHTBANKAMSTERDAM
Civiel recht
Kantonrechter
Zaaknummer: 11952986 \ CV EXPL 25-15276
Vonnis van 21 april 2026 (bij vervroeging)
in de zaak van
MEDICURA B.V.,
gevestigd te Nederweert,
eisende partij,
hierna te noemen: Medicura,
gemachtigde: [gemachtigde] (Nederlandse Incasso & Advies Bureau BV),
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 9 oktober 2026, met producties,
- de conclusie van antwoord.
1.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 7 april 2026. Namens Medicura is verschenen de heer [gemachtigde] . [gedaagde] is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Medicura heeft vragen van de kantonrechter beantwoord en haar standpunt toegelicht.
1.3.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
[gedaagde] heeft op 8 juni 2023 een rolstoel besteld bij Medicura. De rolstoel is op 9 juni 2023 bij [gedaagde] afgeleverd.
2.2.
Bij brieven van 8 september 2023 en 10 november 2023 heeft Medicura [gedaagde] geïnformeerd dat hij de rolstoel maximaal 26 weken mag lenen, en dat hij de rolstoel na die periode kan huren of overkopen. Op de brief is ook de uiterste retourdatum van 8 december 2023 vermeld.
2.3.
Op 7 oktober 2024 heeft [gedaagde] de rolstoel geretourneerd.
2.4.
Omdat [gedaagde] de rolstoel niet voor de uiterste retourdatum heeft ingeleverd, heeft Medicura huur bij [gedaagde] in rekening gebracht.

3.Het geschil

3.1.
Medicura vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 666,40 ter zake van onbetaalde facturen in verband met de huur van de rolstoel, vermeerderd met rente en kosten.
3.2.
[gedaagde] voert verweer.
3.3.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
Vooropgesteld wordt dat de overeenkomst die aan de vordering ten grondslag is gelegd is gesloten tussen een handelaar en een consument. De kantonrechter moet ambtshalve onderzoeken of eisende partij de op haar als handelaar rustende informatieplichten heeft nageleefd. Ook moet de overeenkomst worden getoetst aan de Richtlijn 93/13 EG betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten (hierna: de richtlijn).
4.2.
Ingevolge artikel 4 lid 2 van Pro de richtlijn zijn kernbedingen (zoals het prijsbeding) uitgesloten van toetsing op oneerlijkheid mits deze transparant zijn. Beoordeeld moet daarom worden of het prijsbeding transparant is.
4.3.
Uit de overgelegde stukken, waaronder de bestelbevestiging en de toepasselijke algemene voorwaarden, blijkt niet wat de huurprijs na afloop van de bruikleenperiode is, en hoe deze huurprijs bij het aangaan van de overeenkomst aan de consument kenbaar is gemaakt. De gemachtigde van Medicura heeft ter zitting uitgelegd dat de huurprijs tijdens het online bestelproces via de website van Medicura aan de consument kenbaar wordt gemaakt. Nu Medicura echter geen schermafdrukken van haar bestelproces heeft overgelegd of andere stukken waaruit blijkt wat het prijsbeding is, kan de kantonrechter het prijsbeding niet op transparantie toetsen. Medicura heeft daarmee de taak van de kantonrechter, te weten een juiste beslissing te geven na toetsing van de overeenkomst, onmogelijk gemaakt. Medicura heeft niet voldaan aan haar stelplicht, zodat de vordering op grond van artikel 21 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering wordt afgewezen.
4.4.
Bij deze uitkomst wordt Medicura als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten aan zijde van [gedaagde] , tot op heden begroot op nihil.

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
wijst de vordering van Medicura af,
5.2.
veroordeelt Medicura in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.M. Bilderbeek en in het openbaar uitgesproken op 21 april 2026.
64443