Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2026:4021

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
3 april 2026
Publicatiedatum
23 april 2026
Zaaknummer
C/13/785778 / FA RK 26/2671
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:7 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening machtiging tot voortzetting crisismaatregel op grond van Wvggz wegens onmiddellijk dreigend ernstig nadeel

De rechtbank Amsterdam heeft op 3 april 2026 een beschikking gegeven tot verlenging van een crisismaatregel op grond van artikel 7:7 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, geboren in 1999. De officier van justitie had verzocht om verlenging van de op 1 april 2026 opgelegde crisismaatregel vanwege onmiddellijk dreigend ernstig nadeel.

Uit de stukken en de zitting bleek dat betrokkene ernstige psychische schade en maatschappelijke teloorgang vertoont, vermoedelijk door een psychotische ontregeling in het kader van schizofrenie. De crisissituatie was zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kon worden afgewacht. De noodzakelijke zorg omvatte onder meer medicatietoediening, medische controles, bewegingsvrijheidsbeperking, insluiting en toezicht.

Betrokkene verzette zich tegen de voortzetting en stelde dat de zorgmachtiging afgewacht kon worden omdat zij medicatie gebruikte en de situatie stabiel was. De psychiater erkende dat de zorgmachtiging te laat was aangevraagd door een administratieve fout, maar benadrukte het risico bij meer vrijheden. De rechtbank oordeelde dat de verplichte zorg evenredig en effectief is, geen minder bezwarende alternatieven beschikbaar zijn, en verleende de machtiging tot voortzetting voor drie weken.

De beschikking werd mondeling gegeven en schriftelijk uitgewerkt, met de mogelijkheid tot cassatie.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de crisismaatregel voor drie weken wegens onmiddellijk dreigend ernstig nadeel door psychische stoornis.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/785778 / FA RK 26/2671
kenmerk: VCM/IND/199325
Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
Beschikking van 3 april 2026van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1999 te [geboorteplaats] (Suriname),
verblijvende te [verblijfplaats] , [adres] ,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. A.T. van Vulpen te Hilversum,
zorgaanbieder: Arkin.

1.Procesverloop

Bij verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 2 april 2026, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 1 april 2026 opgelegde crisismaatregel.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 3 april 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder.
Ter zitting heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene;
- de raadsvrouw;
- dhr. [persoon] , psychiater.
Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2.Beoordeling

2.1.
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in: ernstige psychische schade, ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang, bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat hij/zij onder invloed van een ander raakt en de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept.
Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van eerdere psychotische ontregeling vermoedelijk in het kader van schizofrenie, met hieruit voortkomend negatieve symptomen en oordeels- en kritiekstoornissen ten aanzien van de huidige situatie. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
2.2.
De rechtbank is van oordeel dat van de zorg die is genoemd in de crisismaatregel, de volgende vormen van zorg noodzakelijk zijn om het nadeel af te wenden:
  • toedienen van medicatie;
  • het verrichten van medische controles;
  • het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • onderzoek aan kleding of lichaam;
  • onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
  • controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
  • beperken van het recht op ontvangen van bezoek;
  • opnemen in een accommodatie.
De rechtbank zal de verplichte zorg in de vorm van
‘toedienen van vocht en voeding’niet toewijzen, omdat ter zitting is gebleken dat er voor deze vorm van verplichte zorg geen noodzaak is.
2.3.
De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief
.Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
2.4.
De raadsvrouw heeft aangevoerd dat het ongelukkig is om hier te zitten omdat de zorgmachtiging te laat is aangevraagd. Namens betrokkene is verzocht de voortzetting af te wijzen omdat er geen sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. Betrokkene neemt haar medicatie en de zitting voor een zorgmachtiging komt eraan en die kan worden afgewacht. Er is dus geen voortzetting van de crisismaatregel nodig.
De psychiater erkent dat het vervelend is dat er nu een zitting is. De formulieren waren wel ingevuld maar niet verzonden. Er is iets mis gegaan tijdens de overplaatsing naar de huidige afdeling. Het was niet haalbaar om de zorgmachtiging samen met de voortzetting te behandelen omdat op de dag dat de zorgmachtiging afliep pas werd gezien dat het te laat was. Het beeld bij betrokkene is momenteel stabiel, maar als betrokkene vrijheden heeft kan het ook snel misgaan. Betrokkene is in een auto gesprongen bij iemand en is dreigend geweest naar de begeleiding. Afgelopen weekend was ze binnen één uur weer terug en had ze drugs gebruikt. Het is de bedoeling om te zoeken naar een nieuwe locatie waar betrokkene kan verblijven.
2.5.
Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden.

3.Beslissing

De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1999 te [geboorteplaats] (Suriname),
voor zover het de in rechtsoverweging 2.2 genoemde vormen van verplichte zorg betreft;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 24 april 2026;
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is op 3 april 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door
mr. A.M.F. Huigen, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 14 april 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open
.