Eiseres heeft een verzoek ingediend om haar prestatiebeurs om te zetten in een gift op grond van een structurele medische omstandigheid, namelijk ADHD, die in 2023 bij haar is vastgesteld. Dit verzoek werd door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap afgewezen omdat het te laat was ingediend en er geen ondersteunende verklaring van de onderwijsinstelling was.
De rechtbank heeft het beroep van eiseres beoordeeld en geoordeeld dat het ontbreken van een verklaring van de onderwijsinstelling een wettelijk vereiste is om bijzondere omstandigheden aan te tonen. De studentdecaan van de onderwijsinstelling heeft het verzoek niet ondersteund omdat er geen causaal verband kon worden vastgesteld tussen de medische situatie van eiseres en het niet afronden van haar studie.
Hoewel eiseres heeft aangevoerd dat haar ADHD destijds ook speelde, kan niet worden uitgesloten dat zij haar studie met extra begeleiding en aanvullende studietijd had kunnen voltooien. De rechtbank concludeert dat verweerder het verzoek op goede gronden heeft afgewezen en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling of vergoeding van griffierecht.