Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2026:3179

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
26 februari 2026
Publicatiedatum
30 maart 2026
Zaaknummer
11442239
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Verstek
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:230l BWArt. 6:230m BWRichtlijn 93/13 EG
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering wegens onvoldoende stelplicht bij ambtshalve toetsing informatieplichten sportschoolabonnement

In deze civiele bodemzaak vordert CE PSD2 B.V. betaling van een sportschoolabonnement van gedaagde. De kantonrechter onderzoekt ambtshalve of de handelaar, de sportschool, heeft voldaan aan de informatieplichten uit het consumentenrecht, waaronder de Richtlijn 93/13 EG over oneerlijke bedingen.

Eiser stelt dat de overeenkomst binnen de verkoopruimte is gesloten met gebruik van een tablet en een touchscreenpen, maar het overgelegde inschrijfformulier bevat geen handtekening ter bevestiging hiervan. Hierdoor is niet ondubbelzinnig vastgesteld dat de overeenkomst binnen de verkoopruimte tot stand is gekomen.

De rechtbank benadrukt dat voor de ambtshalve toetsing duidelijkheid over de wijze van totstandkoming van de overeenkomst vereist is, omdat dit bepaalt welke informatieplichten van toepassing zijn (artikel 6:230l BW voor verkoopruimte, artikel 6:230m BW voor op afstand gesloten overeenkomsten). Omdat eiser niet volledig aan haar stelplicht heeft voldaan en de mogelijkheid van een op afstand gesloten overeenkomst niet is uitgesloten, wordt de vordering afgewezen.

Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten, die aan de zijde van gedaagde nihil worden begroot.

Uitkomst: De vordering van CE PSD2 B.V. wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs dat de overeenkomst binnen de verkoopruimte is gesloten.

Uitspraak

RECHTBANKAMSTERDAM
Civiel recht
Kantonrechter
Zaaknummer: 11442239 \ CV EXPL 24-15692
Vonnis van 26 februari 2026
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
CE PSD2 B.V. (h.o.d.n. DOCKDOCK),
gevestigd te Rotterdam,
eisende partij,
gemachtigde: LegalSteps B.V.,
tegen
[gedaagde]
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 6 november 2024, met producties,
- het tegen gedaagde partij verleende verstek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De beoordeling

2.1.
Eisende partij heeft gevorderd zoals is vermeld in de dagvaarding waarmee deze procedure is ingeleid. De inhoud van deze dagvaarding moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.
2.2.
De overeenkomst die aan de vordering ten grondslag is gelegd, een sportschoolabonnement, is gesloten tussen een handelaar (de sportschool) en een consument (gedaagde partij). De kantonrechter moet daarom ambtshalve onderzoeken of de sportschool de op haar als handelaar rustende informatieplichten heeft nageleefd. Ook moet de overeenkomst worden getoetst aan de Richtlijn 93/13 EG betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten (hierna: de richtlijn). Voor zover door eisende partij is gesteld dat zij met de sportschool ( [sportschool] ) een overeenkomst heeft gesloten op grond waarvan eisende partij het facturatie- en inningstraject verzorgt en zij zijn overeengekomen dat iedere vordering van [sportschool] aan haar wordt overgedragen en eisende partij op haar beurt een vooraf overeengekomen vergoeding betaalt aan [sportschool] , doet niet af aan de verplichting om de overeenkomst volledig aan het consumentenrecht te toetsen. Eisende partij kan immers op basis van die overeenkomst met [sportschool] , waarvan een bewijs overigens niet is overgelegd, niet meer van gedaagde partij vorderen dan waarop [sportschool] aanspraak heeft. Indien ambtshalve toetsing van de vordering van [sportschool] jegens gedaagde partij gevolgen heeft, raken die ook de vordering van eisende partij. Voor zover door eisende partij een andere stellingname in de dagvaarding is ingenomen, wordt deze gepasseerd. Eisende partij dient dan ook alle relevante informatie voor de ambtshalve toetsing in het geding te brengen.
2.3.
Volgens eisende partij is de overeenkomst binnen de verkoopruimte gesloten en daartoe is door [sportschool] gebruik gemaakt van een tablet die in de sportschool aanwezig is. De keuzes worden aangevinkt en gedaagde partij heeft de overeenkomst getekend met behulp van een touchscreenpen. De overgelegde overeenkomst, dan wel het inschrijfformulier dat als bewijs hiervan moet dienen (productie 1), mist echter een dergelijke handtekening, zodat deze stelling de vordering niet kan dragen.
2.4
Voor de noodzakelijke ambtshalve toetsing moet de wijze van totstandkoming van de overeenkomst duidelijk zijn. Voor de vraag welke informatieplichten van toepassing zijn dient immers onderscheid te worden gemaakt tussen de overeenkomsten die binnen de verkoopruimte is gesloten, op grond waarvan artikel 6:230l van het Burgerlijk Wetboek (BW) van toepassing is, dan wel de overeenkomst die op afstand is gesloten, in welk geval artikel 6:230m BW geldt. Eisende partij heeft alleen een toelichting gegeven over artikel 6:230l BW. Nu uit het overgelegde inschrijfformulier niet ondubbelzinnig blijkt dat de overeenkomst binnen de verkoopruimte is gesloten, heeft eisende partij op dit punt niet volledig aan haar stelplicht voldaan. Uit de website van eisende partij blijkt immers dat overeenkomsten ook op afstand gesloten kunnen worden en als dat het geval was gelden de meer uitgebreide informatieplichten van artikel 6:230m BW.
2.5
Hetgeen hiervoor is overwogen leidt ertoe dat de vordering van eisende partij wordt afgewezen. Eisende partij wordt veroordeeld in de proceskosten, die aan de zijde van gedaagde partij op nihil worden begroot.

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1.
wijst de vordering van eisende partij af,
3.2.
veroordeelt eisende partij in de kosten van dit geding, aan de zijde van gedaagde partij begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. E. Pennink en in het openbaar uitgesproken op 26 februari 2026.
64443p