Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
[verdachte] ,
- de termijnbrief van 8 april 2025;
- de beschikking en het proces-verbaal van de terechtzitting van 2 december 2025, waar de vordering van de officier van justitie gedeeltelijk is toegewezen en de PIJ-maatregel verlengd is met 6 maanden en waarbij de behandeling van het overige gedeelte van de vordering, te weten 15 maanden, is aangehouden tot een nader te bepalen zitting;
- het op grond van artikel 2:18 van Pro het Besluit tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen uitgebrachte advies van 23 januari 2026 van de [Naam P.I. 2] (hierna: [Naam P.I. 2] ) om de PIJ-maatregel te verlengen voor de duur van 24 maanden.
- de officier van justitie, mr. W. van Veen;
- [verdachte] , bijgestaan door zijn raadsman, mr. N.M. Wersch, advocaat te Amsterdam;
- [gedragsdeskundige 1] en [gedragsdeskundige 2] als gedragsdeskundigen namens [Naam P.I. 2] ;
- [medewerker DIZ] namens Dienst Individuele Zaken (hierna: DIZ), via een videoverbinding.
met 24 (vierentwintig) maanden.