ECLI:NL:RBAMS:2026:3115
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging invorderingsbesluit te veel ontvangen AIO-uitkering wegens onvoldoende individuele financiële afweging
Eiser ontving een te hoge Aanvullende Inkomensvoorziening Ouderen (AIO) vanwege niet opgegeven teruggave van inkomstenbelasting over meerdere jaren. Verweerder vorderde € 6.166,19 terug en stelde een maandelijkse aflossing van € 173,72 vast. Eiser voerde aan dat hij de teruggave niet als inkomen herkende en verzocht om kwijtschelding vanwege zijn minimale inkomen.
De rechtbank beoordeelde het beroep in het licht van recente jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep, die het begrip 'dringende redenen' ruimer interpreteert en benadrukt dat ook de oorzaak van de terugvordering en de financiële situatie van betrokkene meegewogen moeten worden. Hoewel de terugvordering terecht was, oordeelde de rechtbank dat verweerder onvoldoende individuele afweging had gemaakt van eisers financiële situatie.
Eiser had aangetoond dat hij met de aflossing onder het bestaansminimum zou komen, terwijl verweerder zich slechts op de beslagvrije voet baseerde zonder rekening te houden met daadwerkelijke uitgaven. De rechtbank vernietigde daarom het invorderingsbesluit en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Daarnaast werd het beroep tegen de terugvordering ongegrond verklaard, maar het beroep tegen de invordering gegrond. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser. De uitspraak werd gedaan door rechter L.Z. Achouak el Idrissi op 6 maart 2026.
Uitkomst: Het invorderingsbesluit wordt vernietigd wegens onvoldoende individuele financiële beoordeling, terwijl het beroep tegen de terugvordering ongegrond is verklaard.