Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
- het herstelexploot van 10 april 2024, met producties,
Rechtbank Amsterdam
Zalando Payments GmbH vordert betaling van een restantbedrag van €63,18 van gedaagde, voortvloeiend uit koopovereenkomsten uit 2019. De rechtbank toetst ambtshalve de bevoegdheid en het toepasselijke recht en bevestigt dat Nederlands recht van toepassing is. De vordering is een restant na eerdere gedeeltelijke toewijzing.
De rechtbank onderzoekt of aan de informatieplichten uit het consumentenrecht is voldaan en of de algemene voorwaarden kunnen worden getoetst op oneerlijke bedingen conform Richtlijn 93/13 EG. De dagvaarding verwijst naar eerdere stukken uit 2021, maar deze voldoen niet aan de eisen voor toetsing. De overgelegde schermafdrukken dateren van 2020 en zijn niet representatief voor het bestelproces in 2019.
Daarnaast zijn de algemene voorwaarden niet overgelegd, waardoor toetsing op oneerlijke bedingen niet mogelijk is. De enkele verwijzing naar een link volstaat niet. Eisende partij heeft onvoldoende gesteld en niet voldaan aan haar stelplicht, waardoor de vordering wordt afgewezen. De proceskosten worden aan eisende partij opgelegd, begroot op nihil aan de zijde van gedaagde.
Uitkomst: De vordering wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van informatieplichten en het ontbreken van algemene voorwaarden voor toetsing op oneerlijke bedingen.