ECLI:NL:RBAMS:2026:2869

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
2 maart 2026
Publicatiedatum
19 maart 2026
Zaaknummer
C/13/783081 / FA RK 26/1069
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:4 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening zorgmachtiging met aanpassing zorgvormen voor betrokkene met psychose en middelenmisbruik

De rechtbank Amsterdam heeft op 2 maart 2026 een beschikking gegeven op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, geboren in 1972. Betrokkene lijdt aan een psychische stoornis in de vorm van een psychose NAO en multimiddelenmisbruik, wat leidt tot ernstig nadeel zoals levensgevaar, lichamelijk letsel, materiële schade, verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en gevaar voor de algemene veiligheid.

De rechtbank heeft vastgesteld dat er geen passende vrijwillige zorgmogelijkheden zijn en dat verplichte zorg noodzakelijk is. Op basis van het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur zijn diverse vormen van verplichte zorg toegewezen voor de duur van zes maanden, waaronder medicatietoediening, medische controles, onderzoek aan kleding en lichaam, controle op gedrag-beïnvloedende middelen, en beperkingen in de vrijheid van betrokkene. Sommige zorgvormen, zoals het beperken van bewegingsvrijheid en opname in een accommodatie, zijn niet toegewezen wegens gebrek aan noodzaak.

De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief, waarbij rekening is gehouden met het bevorderen van maatschappelijke participatie en de veiligheid van betrokkene. Betrokkene heeft geen bezwaar tegen de zorgmachtiging en beschikt over goede woonbegeleiding. De machtiging geldt tot uiterlijk 2 september 2026. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met aangepaste verplichte zorgvormen aan betrokkene.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/783081 / FA RK 26/1069
kenmerk: ZM/IND/193703
Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg
Beschikking van 2 maart 2026van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedag] 1972 te [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] , [adres 1] ,
verblijvende te [verblijfsplaats] , [adres 2] ,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. L.M.A. Schwartz te Amsterdam,
zorgaanbieder: Arkin, locatie [locatie] .

1.Procesverloop

1.1.
Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 9 februari 2026.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 2 maart 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder.
Ter zitting waren aanwezig en heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene;
- mr. R.G.M. Sussenbach namens mr. L.M.A. Schwartz , raadsman van betrokkene;
- mw. [persoon 1] , psychiater;
- mw. [persoon 2] , senior co-assistant;
- mw. [persoon 3] , woonbegeleider HVO-Querido.
Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig acht, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2.Beoordeling

2.1.
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, in de vorm van een psychose NAO en multimiddelen misbruik.
2.2.
Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in: levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige materiële schade, ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang, de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept en de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.
2.3.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen of de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen, heeft betrokkene zorg nodig.
2.4.
Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Om die reden is verplichte zorg nodig. Van de in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg, die zijn gebaseerd op het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur, alsmede gelet op hetgeen bij de mondelinge behandeling naar voren is gekomen acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk voor de duur van zes maanden:
  • toedienen van medicatie;
  • het verrichten van medische controles ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • beperken van de bewegingsvrijheid (
  • onderzoek aan kleding of lichaam (
  • onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen (
  • controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen (
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen en het nakomen van afspraken met het ambulant behandelteam;
  • opnemen in een accommodatie (
De rechtbank zal de verplichte zorg in de vorm ‘
van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen’, ‘
insluiten’en ‘
uitoefenen van toezicht op betrokkene’niet toewijzen, omdat ter zitting is gebleken dat er voor deze vormen van verplichte zorg geen noodzaak is.
De rechtbank bepaalt voorts dat verplichte zorg in de vorm van ‘
beperken van de bewegingsvrijheid’ en ‘
opnemen in een accommodatie’, anders dan door de officier van justitie is verzocht en in het zorgplan is vermeld, in duur wordt beperkt. De rechtbank wijst deze vormen van zorg toe voor de duur van telkens maximaal twee maanden.
2.5.
De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
2.6.
Betrokkene heeft geen bezwaar tegen de zorgmachtiging. Hij heeft alle vrijheden, kan naar huis en heeft daar goede woonbegeleiders.
2.7.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de (verzochte) duur van zes maanden.

3.Beslissing

De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1972 te [geboorteplaats] , inhoudende dat
gedurende de looptijd van de machtigingbij wijze van verplichte zorg de in rechtsoverweging 2.4 genoemde maatregelen kunnen worden getroffen;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 2 september 2026.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is op 2 maart 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door
mr. H.C. Hoogeveen, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 13 maart 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.