Verzoeker diende een handhavingsverzoek in tegen parkeeroverlast bij moskeeën in Amsterdam, met name tijdens piekmomenten zoals vrijdagmiddagen en de Ramadan. Verzoeker klaagde over het parkeren op groenstroken, trottoirs en fietspaden, wat onveilige situaties en blokkades veroorzaakt. Verweerder, het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, gaf aan jaarlijks samen met politie en vrijwilligers op te treden en de situatie te monitoren.
Verzoeker vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen, waaronder een operationeel handhavingsplan en permanente aanwezigheid van handhavers tijdens piekmomenten. Tijdens de zitting bleek een groot verschil in beleving tussen partijen: verzoeker ervaart de situatie als onhoudbaar, terwijl verweerder en moskeeën dit niet bevestigen en wijzen op bestaande handhaving en overleg.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er onvoldoende aanleiding is voor een voorlopige voorziening. Hoewel de situatie niet altijd volledig onder controle is, is er geen bewijs dat verweerder niet handhaaft. Wel werd benadrukt dat verweerder in de beslissing op bezwaar met een cijfermatige onderbouwing moet komen en beter moet communiceren met bewoners. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen zonder proceskostenveroordeling.