Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de meervoudige kamer van 23 februari 2026 in de zaken tussen
BLVG Beheer B.V.te [plaats] , vergunninghouder
Rechtbank Amsterdam
Het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht heeft vergunninghouder een omgevingsvergunning verleend voor het vervangen van een damwand en het dempen van primair oppervlaktewater nabij een adres te Amsterdam. Eiseressen, waaronder een persoon en een stichting, maakten bezwaar tegen deze vergunning, onder meer over compensatie van gedempt oppervlaktewater, de veiligheidsklasse van de damwanden en het ontbreken van een plan van aanpak voor sanering.
De rechtbank stelt vast dat de bezwaren tegen eerdere vergunningen niet in deze procedure beoordeeld kunnen worden. De rechtbank oordeelt dat de compensatievoorschriften in de vergunning duidelijk en uitvoerbaar zijn en dat de vermeende overschrijding van de demping een uitvoeringskwestie betreft. De veiligheidsklasse RC1 voor de damwanden is passend omdat deze een grondkerende functie hebben en de kerende hoogte minder dan vijf meter bedraagt. De cultuurhistorische bescherming en saneringsplannen vallen niet binnen het beoordelingskader van de vergunning.
De rechtbank concludeert dat het Waterschap zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat de aanvraag verenigbaar is met de doelstellingen voor het waterbeheer en dat de vergunning terecht is verleend. De beroepen worden ongegrond verklaard en het griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt dat het Waterschap de omgevingsvergunning terecht heeft verleend.